ECLI:NL:PHR:2012:BR3040
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling verzoeken nader onderzoek en bewijsuitsluiting in zaak doodslag en diefstal
De zaak betreft een doodslag en diefstal gepleegd tussen 16 en 18 september 2007 te Amsterdam. De verdachte werd door het hof veroordeeld tot tien jaar en tien maanden gevangenisstraf. De verdediging had meerdere verzoeken tot nader onderzoek ingediend, onder meer naar mogelijke betrokkenheid van andere personen en het horen van een getuige-deskundige over telefoongegevens. Deze verzoeken werden door het hof afgewezen wegens gebrek aan concrete aanwijzingen en onvoldoende onderbouwing.
Daarnaast klaagde de verdediging over het late verstrekken van een NFI-rapport met belastende conclusies, dat pas na een verhoor aan de verdediging werd overhandigd. Het hof oordeelde dat het tactisch uitstel van kennisneming niet leidde tot benadeling van de verdediging en geen schending van artikel 6 EVRM Pro opleverde.
Het hof baseerde zijn bewezenverklaring op onder meer DNA-sporen die met maximale zeldzaamheid overeenkwamen met het profiel van de verdachte, en op omstandigheden die wijzen op een bekende dader. Het hof verwierp alternatieve scenario's van de verdediging en concludeerde dat de verdachte het slachtoffer heeft verstikt. De Hoge Raad achtte de motivering van het hof toereikend en verwierp alle middelen van cassatie.
Uitkomst: De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep en bevestigde de veroordeling van de verdachte voor doodslag en diefstal tot tien jaar en tien maanden gevangenisstraf.