ECLI:NL:PHR:2012:BV2956
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor medeplegen valsheid in geschrift en belastingontduiking met gedeeltelijke vernietiging
Verdachte is door het hof veroordeeld wegens medeplegen van valsheid in geschrift en belastingontduiking. De feiten betreffen het opmaken van facturen die niet de volledige geleverde hoeveelheid vis vermeldden, met als doel een deel van de handel buiten de boeken te houden. Dit werd ondersteund door verklaringen van medeverdachte en bewijsstukken zoals leveringsbonnen en bankbetalingen.
De verdediging voerde aan dat de facturen niet vals waren omdat de goederen daadwerkelijk geleverd en betaald waren, en dat contante betalingen niet verplicht gefactureerd hoefden te worden. Het hof verwierp dit verweer en oordeelde dat het achterhouden van gegevens op de facturen de werkelijkheid geweld aandeed, wat valsheid opleverde.
In cassatie werd dit oordeel bevestigd, maar de Hoge Raad vond dat de bewezenverklaring omtrent de onjuiste aangifte omzetbelasting over bepaalde tijdvakken onvoldoende was gemotiveerd. De facturen van een niet-bestaand bedrijf konden niet worden betrokken bij de genoemde aangiften. Daarom vernietigde de Hoge Raad het arrest deels en verwees de zaak terug naar het gerechtshof voor hernieuwde beoordeling van dat onderdeel.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt deels vernietigd en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde beoordeling van de onjuiste aangifte omzetbelasting.