ECLI:NL:PHR:2012:BV6693
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Zorgplicht assurantietussenpersoon bij onjuiste informatie over preventiemaatregelen en polisdekking
In deze zaak gaat het om de vraag of de Coöperatieve Rabobank Schiedam-Vlaardingen U.A. als assurantietussenpersoon tekort is geschoten in haar zorgplicht jegens [verweerster], die schade leed door brand in een verzekerde loods. De bank had via een brief van 23 april 2003 aan [verweerster] medegedeeld dat het ontbreken van het voorgeschreven alarmsysteem alleen gevolgen had voor de dekking van het inbraakrisico, niet voor het brandrisico. De verzekerde bracht daarop schadeclaims in, nadat de verzekeraar Interpolis dekking voor de brandschade had geweigerd wegens het niet naleven van preventieafspraken.
De rechtbank wees de vorderingen van [verweerster] af, maar het hof vernietigde dit vonnis en veroordeelde de bank tot schadevergoeding. Het hof vond dat de brief onjuist en onvolledig was en dat dit de assurantietussenpersoon aansprakelijk maakte. De Hoge Raad stelt echter vast dat het hof bij zijn oordeel uitsluitend op de brief heeft gelet en onvoldoende rekening heeft gehouden met alle relevante omstandigheden, zoals de kennis van de verzekerde van de polisvoorwaarden en de preventieafspraken.
De Hoge Raad benadrukt dat de zorgplicht van een assurantietussenpersoon inhoudt dat hij de verzekeringnemer tijdig en duidelijk moet waarschuwen voor gevolgen van niet-naleving van polisvoorwaarden, maar dat dit niet betekent dat de tussenpersoon altijd de juistheid van mededelingen van de verzekeringnemer moet controleren. Het hof heeft ten onrechte niet onderzocht hoe [verweerster] de brief heeft begrepen en of deze voor haar voor tweeërlei uitleg vatbaar was. Ook heeft het hof onvoldoende gemotiveerd waarom de bank niet op de mededeling van [verweerster] mocht afgaan dat aan preventiemaatregelen was voldaan.
De Hoge Raad vernietigt het arrest van het hof en verwijst de zaak voor verdere behandeling terug. Hiermee wordt bevestigd dat de beoordeling van de zorgplicht van een assurantietussenpersoon een zorgvuldige afweging van alle omstandigheden vereist, waarbij niet alleen de inhoud van een brief, maar ook de context en kennis van partijen betrokken moeten worden.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt verwezen voor verdere behandeling.