ECLI:NL:PHR:2012:BV7438
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling bewijsuitsluiting van onrechtmatig verkregen ANPR-gegevens in strafzaak autodiefstal
In deze zaak staat centraal de vraag of gegevens verkregen via Automatic Number Plate Recognition (ANPR) onrechtmatig zijn gebruikt en of deze gegevens van het bewijs moeten worden uitgesloten. Het hof had geoordeeld dat sprake was van een onherstelbaar vormverzuim en dat de ANPR-gegevens van het bewijs moesten worden uitgesloten, wat leidde tot vrijspraak van verdachte voor de meeste tenlastegelegde feiten.
De Hoge Raad herhaalt dat ANPR-gegevens politiegegevens zijn en dat het gebruik daarvan gebonden is aan de Wet politiegegevens (Wpg) en andere privacyregels. Het hof had vastgesteld dat no-hits, kentekens die niet in het vergelijkingsbestand voorkomen, direct vernietigd moeten worden, maar dat in deze zaak toch gebruik was gemaakt van gegevens die vernietigd hadden moeten zijn. Dit vormverzuim is ernstig vanwege de schending van wettelijke voorschriften en het nadeel voor verdachte.
Echter, de Hoge Raad vindt dat het hof zijn motivering onvoldoende heeft toegelicht, met name over de ernst van het verzuim en het nadeel voor verdachte. De schending van het recht op privacy levert niet automatisch een schending van het recht op een eerlijk proces op. Ook was ten tijde van de feiten de wettelijke basis voor het gebruik van ANPR-gegevens nog onduidelijk, wat de verwijtbaarheid vermindert.
De Hoge Raad concludeert dat de motivering van het hof tekortschiet en vernietigt het arrest, waarna de zaak wordt verwezen naar het gerechtshof Leeuwarden voor hernieuwde behandeling. De zaak bevat uitgebreide overwegingen over de wettelijke kaders van de Wpg, de verwerking van politiegegevens, en de afweging van belangen bij bewijsuitsluiting.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van bewijsuitsluiting en de zaak wordt verwezen voor hernieuwde behandeling.