ECLI:NL:PHR:2012:BW3677
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt geldigheid messenverbod in APV Leeuwarden na juiste bekendmaking
In deze zaak stond centraal of het verbod uit artikel 2.1.1.4 lid 1 van de Algemene Plaatselijke Verordening (APV) Leeuwarden, dat het bij zich hebben van messen in door het college aangewezen gebieden verbiedt, rechtsgeldig was bekendgemaakt. Verdachte werd door het hof veroordeeld wegens het bij zich hebben van een mes in een voor het publiek toegankelijk gebouw binnen een dergelijk gebied.
De verdediging voerde aan dat het verbod niet verbindend was omdat de APV-bepaling en de gebiedsaanwijzing niet op juiste wijze waren gepubliceerd en bekendgemaakt, wat volgens de verdediging tot vrijspraak moest leiden. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte niet uitdrukkelijk en gemotiveerd op dit verweer had beslist, maar dat dit niet tot cassatie leidt omdat uit de stukken blijkt dat de APV en het aanwijzingsbesluit wel degelijk op de voorgeschreven wijze bekend zijn gemaakt.
De Hoge Raad bevestigde dat de bekendmaking van de APV via het gemeenteblad en de kennisgevingen in het blad Huis aan Huis voldoende was. Ook de gebiedsaanwijzing was correct gepubliceerd. Hierdoor is het verbod verbindend en is de veroordeling van verdachte terecht. Het cassatieberoep wordt verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling wegens overtreding van het messenverbod blijft in stand.