ECLI:NL:PHR:2012:BW8300
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Bevestiging rechtsgeldigheid ontslag op staande voet wegens verduistering kassagelden
Eiseres was sinds 1993 als kassamedewerkster in dienst van SEM en werd op 19 februari 2004 op staande voet ontslagen wegens verduistering van gelden. SEM stelde dat zij het kassasysteem had gemanipuleerd waardoor opbrengsten van kaartverkopen niet werden geregistreerd, met name transacties die door storingen niet in de EOD-rapportage waren opgenomen.
Na verschillende procedures, waaronder vrijspraak in strafrechtelijke zin, vorderde eiseres loonbetaling en vergoedingen, terwijl SEM in reconventie betaling van verduisterde gelden eiste. Het hof oordeelde dat eiseres onvoldoende plausibele verklaringen had gegeven voor kasverschillen en dat zij storingen niet tijdig had gemeld, wat een aanwijzing was voor verduistering.
In cassatie klaagde eiseres tegen het oordeel van het hof, onder meer dat het hof onvoldoende rekening hield met mogelijke fouten bij kasverschillen en dat het ontslag niet tijdig was gegeven. De Hoge Raad oordeelde dat de klachten onvoldoende gemotiveerd waren, dat het hof terecht feitelijke constateringen had gedaan en dat het ontslag rechtsgeldig was verleend. Het cassatieberoep werd verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep van eiseres wordt verworpen en het ontslag op staande voet wordt bevestigd als rechtsgeldig.