ECLI:NL:PHR:2012:BX1755
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt arrest in zaak belaging wegens ontbreken gemotiveerde beslissing over wederrechtelijkheid
In deze zaak werd verdachte, de ex-man van aangeefster, door het hof Arnhem veroordeeld wegens belaging (art. 285b Sr) door stelselmatig en opzettelijk inbreuk te maken op de persoonlijke levenssfeer van zijn ex-partner. Het hof baseerde zich op diverse bewijsmiddelen, waaronder verklaringen van aangeefster, getuigen en proces-verbalen van politie.
Verdachte voerde onder meer aan dat aangeefster onrechtmatig verbleef in de woning die hem rechtens was toegewezen en dat zijn gedragingen gericht waren op het sommeren van haar om de woning te verlaten. Dit verweer stelde ook de vraag of de gedragingen wel wederrechtelijk waren. Het hof heeft echter nagelaten hierop uitdrukkelijk en gemotiveerd te beslissen.
De Hoge Raad oordeelt dat deze nalatigheid een schending van het recht op een gemotiveerde beslissing inhoudt en vernietigt het arrest. De zaak wordt terugverwezen naar het hof Arnhem voor een nieuwe beslissing op basis van het bestaande dossier, waarbij het hof het verweer over de wederrechtelijkheid van de gedragingen expliciet moet beoordelen.
De Hoge Raad ziet geen aanleiding om ambtshalve zelf te vernietigen en beperkt zich tot terugwijzing. De zaak betreft een complexe afweging tussen het recht op verblijf en het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer.
Uitkomst: Het arrest van het hof Arnhem wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe beoordeling.