Conclusie
1.Feiten en procesverloop
2.Beoordeling van het principaal cassatieberoep
onderdelen I en IVrichten zich tegen:
opgeroepen– zoals in casu de vrouw [8] – dat het verweerschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de toezending van het beroepschrift, tenzij de rechter anders bepaalt. [9] De rechter kan de termijn verkorten of verlengen dan wel bepalen dat verweer kan worden gevoerd bij de mondelinge behandeling. [10] In art. 1.3.2 van het Procesreglement verzoekschriftprocedures familiezaken gerechtshoven is de termijn verlengd tot zes weken. [11] De wet vermeldt niet welke sanctie staat op het niet tijdig indienen van een verweerschrift. De appelrechter kan het buiten beschouwing laten, maar is daartoe niet gehouden. [12]