ECLI:NL:PHR:2013:1302
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring hoger beroep wegens falende betekeningsklacht
Verdachte werd door het gerechtshof Amsterdam niet-ontvankelijk verklaard in zijn hoger beroep tegen een vonnis van de politierechter wegens belaging en bedreiging. De dagvaardingen en oproepingen in hoger beroep werden telkens uitgereikt aan de griffier omdat geen woon- of verblijfadres van verdachte in Nederland bekend was. Verdachte verbleef sinds 2008 in Panama.
Verdachte stelde in cassatie dat de betekening onrechtmatig was omdat een afschrift van de dagvaarding niet naar het postadres van verdachte was gestuurd, en dat de gemeente Almere foutieve adresgegevens had verstrekt. De Hoge Raad oordeelde dat het hof terecht had geoordeeld dat de dagvaarding rechtsgeldig was betekend door uitreiking aan de griffier, conform art. 588 Sv Pro.
De Hoge Raad wees het middel af omdat het niet klaagde over het niet-zenden van een afschrift en omdat geen bewijs was geleverd dat verdachte een ander adres dan Panama had opgegeven. De bestreden uitspraak bleef daarmee in stand en het middel kon niet tot cassatie leiden.
Uitkomst: Het cassatiemiddel faalt en het arrest van het gerechtshof blijft in stand, waarmee verdachte niet-ontvankelijk wordt verklaard in zijn hoger beroep.