Conclusie
eerste middelklaagt over de verwerping van het verweer dat art. 126v Sv toegepast had moeten worden en de officier van justitie had moeten bevelen dat een overeenkomst als bedoeld in die bepaling met [betrokkene 1] werd gesloten, en dat bij gebreke van een dergelijk bevel, de informatie die van die [betrokkene 1] is verkregen moest worden uitgesloten van het bewijs.
Verklaringen [betrokkene 1] onrechtmatig verkregen en tevens onbetrouwbaar
Verweer ten aanzien van uitsluiting verklaringen van [betrokkene 1]
tweede middelklaagt over de verwerping van het verweer dat de uitkomsten van de enkelvoudige fotoconfrontatie wegens onvoldoende betrouwbaarheid dienden te worden uitgesloten van het bewijs.
Verweer met betrekking tot uitsluiting uitkomsten van de enkelvoudige fotoconfrontatie
derde middelklaagt over (de motivering van) de bewezenverklaring van feit 3. Subsidiair klaagt het middel dat het hof ten onrechte art. 328ter Sr niet buiten toepassing heeft gelaten wegens de door de verdediging gestelde strijdigheid met het nemo tenetur beginsel.
naar aanleiding vanzijn werkzaamheden als tolk. Het hof overweegt daarna kennelijk bij vergissing dat de verdachte een beloning heeft aangenomen voor het schenden van zijn geheimhoudingsplicht. Daaraan kan mijns inziens voorbij gegaan worden.
vierde middelklaagt dat het hof in strijd met art. 358, derde lid, Sv niet heeft gereageerd op het verweer dat sprake is van eendaadse samenloop, en ten onrechte, althans onvoldoende begrijpelijk gemotiveerd heeft geoordeeld dat sprake is van meerdaadse samenloop. In casu zou wel degelijk sprake zijn van eendaadse samenloop, althans van een voortgezette handeling.
vijfde middelklaagt dat de berechting in cassatie in strijd met art. 6 EVRM Pro niet heeft plaatsgevonden binnen een redelijke termijn, nu tussen het tijdstip waarop het beroep in cassatie is ingesteld en dat waarop de stukken van het geding ter griffie van de Hoge Raad zijn ontvangen, meer dan acht maanden zijn verstreken. Dat zou moeten leiden tot strafvermindering.
bij de Hoge Raad der Nederlanden