ECLI:NL:PHR:2013:2111
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Beoordeling rechtmatigheid van opsporingsberichtgeving via internet na voetbalrellen
Op 4 december 2011 vonden in en rond stadion De Galgenwaard te Utrecht ongeregeldheden plaats tijdens een voetbalwedstrijd tussen FC Utrecht en FC Twente. Hierbij werd vuurwerk gegooid en ontstonden rellen binnen en buiten het stadion, waarbij politie waarschuwingsschoten loste. Verdachte werd veroordeeld voor het plegen van geweld in vereniging.
De zaak betrof onder meer de rechtmatigheid van opsporingsberichtgeving: het tonen van camerabeelden van verdachte op internet om daders te identificeren. Het Hof Arnhem oordeelde dat artikel 2 Politiewet Pro 1993 in samenhang met artikelen 141 en 142 Sv een toereikende wettelijke grondslag vormde voor het tonen van deze beelden. Tevens werd geoordeeld dat de inzet van deze opsporingsmethode proportioneel was gezien de ernst van de feiten, de maatschappelijke verontwaardiging, het agressieve gedrag tegen politie en stewards, en het ontbreken van alternatieve opsporingsmiddelen.
In cassatie werd aangevoerd dat het tonen van beelden onrechtmatig was en bewijsuitsluiting moest volgen. De Hoge Raad verwierp dit verweer en bevestigde dat de wettelijke basis en proportionaliteitstoets door het Hof juist waren toegepast. De Hoge Raad benadrukte dat de inbreuk op de persoonlijke levenssfeer beperkt was en dat de opsporingsberichtgeving noodzakelijk en proportioneel was gegeven de omstandigheden. Ook verwees de Hoge Raad naar de Aanwijzing Opsporingsberichtgeving en de Wet politiegegevens als kader voor het gebruik van dergelijke opsporingsmiddelen.
De Hoge Raad concludeerde dat het Hof terecht geen bewijsuitsluiting toepaste en dat het cassatieberoep verworpen moest worden. De veroordeling tot een werkstraf bleef in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd verworpen en de veroordeling tot een werkstraf wegens geweld in vereniging bleef in stand.