ECLI:NL:PHR:2013:BZ3230
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad over wijziging handhavingsregime verzekeringsplicht motorrijtuigen
In deze zaak staat centraal de vraag of een wetswijziging die op 1 juli 2011 in werking trad en administratiefrechtelijke handhaving van overtredingen van artikel 30, tweede lid, van de Wet aansprakelijkheidsverzekering motorrijtuigen (WAM) mogelijk maakt, een wijziging van het sanctierecht inhoudt in de zin van artikel 1, tweede lid, Sr.
De verdachte werd veroordeeld voor het niet verzekeren van een motorrijtuig op 3 januari 2007. Tussen het plegen van het feit en de berechting trad een wetswijziging in werking waardoor overtredingen van de verzekeringsplicht ook via de Wet administratiefrechtelijke handhaving verkeersvoorschriften (Wahv) kunnen worden afgedaan met een administratieve sanctie van € 380.
De Hoge Raad bevestigt dat deze wetswijziging geen wijziging van het strafmaximum of de strafbaarstelling inhoudt, maar een verandering in het handhavingsregime. De strafrechtelijke aansprakelijkheid wordt bepaald door de regelgeving ten tijde van het feit. Het gunstigste recht moet worden toegepast, maar dit betreft hier een wijziging in sanctieregels die niet leidt tot een ander strafmaximum. Het hof heeft de verdachte terecht een boete van € 380 opgelegd, passend bij de administratiefrechtelijke sanctie, en het middel van cassatie wordt gegrond verklaard voor zover het de strafoplegging betreft.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het arrest voor zover het de strafoplegging betreft en verwijst de zaak terug naar het hof.