ECLI:NL:PHR:2013:BZ7193
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Verbeurte van bestuurlijke dwangsom wegens overtreding Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer
In deze zaak staat de vraag centraal of het houden van 39 droogstaande koeien in een inrichting valt onder het begrip melkrundvee zoals omschreven in het Besluit melkrundveehouderijen milieubeheer. Eisers hadden een last onder dwangsom opgelegd gekregen wegens het houden van andere dieren dan melkrundvee zonder milieuvergunning. Zij betoogden dat de droogstaande koeien wel degelijk onder het Besluit vielen, mede omdat zij als zoogkoeien werden gehouden en dat de inrichting als melkrundveehouderij moest worden aangemerkt.
De rechtbank en het hof oordeelden dat de koeien niet voldeden aan de definitie van melkrundvee, omdat zij droogstonden, er geen melkinstallatie of melktank aanwezig was, de melkput was dichtgestort en er geen kalveren of zogende koeien aanwezig waren. Ook de stelling dat de koeien als zoogkoeien konden worden aangemerkt, werd verworpen vanwege het ontbreken van voorzieningen en aanwijzingen voor een zoogkoeienhouderij.
De Hoge Raad bevestigt dat het Besluit zich richt op de inrichting als zodanig en dat het begrip melkrundvee ziet op melkvee dat overwegend voor melkproductie wordt gehouden, inclusief droogstaande koeien die tijdelijk niet melk geven maar wel voor melkproductie bestemd zijn. De aanwezigheid van uitsluitend droogstaande koeien zonder melkinstallatie en andere gebruikelijke voorzieningen betekent dat de inrichting niet als melkrundveehouderij kan worden aangemerkt. De last onder dwangsom is daarom terecht opgelegd en gehandhaafd.
Uitkomst: De last onder dwangsom is terecht opgelegd en gehandhaafd omdat de droogstaande koeien niet onder het begrip melkrundvee vallen.