Conclusie
Het middel
- met een hogere snelheid dan de ter plaatse geldende maximum snelheid van 50 kilometer per uur, althans met een, gezien de situatie en/of omstandigheden ter plaatse, te hoge snelheid heeft gereden en/of (vervolgens)
- (met hoge snelheid) over de stoep heeft gereden en/of
- niet, althans onvoldoende, op de eigen weghelft heeft gereden, in elk geval niet zoveel mogelijk de rechterzijde van de weg heeft gevolgd en/of
- door rood licht is gereden, door welke gedraging(en) gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden veroorzaakt, en/of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans konworden gehinderd.”
- met een hogere snelheid dan de ter plaatse geldende maximum snelheid van 50 kilometer per uur, heeft gereden en vervolgens
- met hoge snelheid over de stoep heeft gereden en
- niet, op de eigen weghelft heeft gereden, en
- door rood licht is gereden,
door welke gedragingen gevaar op die weg werd veroorzaakten het verkeer op die weg werd gehinderd”
hij, op of omstreeks 2 september 2011 te Utrecht als bestuurder van een voertuig (personenauto), daarmee rijdende op de weg, de Zwanenvechtlaan, alwaar zich één of meerdere personen op straat bevond en hij met een snelheid, van ongeveer 100 km/uur, in elk geval met een hogere snelheid dan de aldaar toegestane snelheid van 50 km/uur heeft gereden en vervolgens (rakelings) langs het aldaar aanwezige publiek heeft gereden, tengevolge waarvan een vrouw met een kinderwagen liep aan de kant moest om een aanrijding met die auto te voorkomen
en/of vervolgens over de stoep is gereden met verhoogde snelheid
tengevolge waarvan één of meerdere voetgangers aan de kant moesten om een aanrijding met die auto te voorkomen
en/of vervolgens op de Lessepstraat ter hoogte van een middengeleider het bord D2 negeerde en op de weghelft voor het tegemoetkomend verkeer heeft gereden, terwijl daar en toen tegemoetkomend verkeer was, als gevolg waarvan één of meerdere personenauto’s krachtig moesten remmen om een aanrijding te voorkomen, door welke gedraging (en) van verdachte gevaar op die weg werd veroorzaakt, althans kon worden verhinderd; en of het verkeer op die weg werd gehinderd, althans kon worden gehinderd”
Op 2 september 2011, reed ik, verbalisant [verbalisant 1], samen met verbalisant [verbalisant 2], in een opvallend dienstvoertuig. Ik, verbalisant [verbalisant 1] was bestuurder van het politievoertuig. Alle genoemde straatnamen bevinden zich in de gemeente Utrecht. Op dezelfde dag, datum en tijd bevonden wij ons op de Zwanenvechtlaan. Wij zagen dat er voor ons een personenauto, merk Audi, type A4, zwart van kleur en voorzien van het kenteken [AA-00-BB] reed. Wij zagen dat de personenauto een barst in zijn voorruit had. Ik zag dat er in het voertuig twee personen zaten, zijnde een bestuurder en een passagier op de bijrijdersstoel. Ter naleving van de gestelde regelgeving van de Wegenverkeerswet 1994, gaf ik de bestuurder, middels de daktransparant een stopteken. Ik zag dat de Audi, rechtsaf de Rokadestraat in reed. Ik zag dat de Audi een stoep op reed en zijn snelheid minderde, kennelijk ten einde te voldoen aan mijn stopteken. Hierop bracht ik mijn dienstvoertuig gedeeltelijk tot stilstand achter de Audi. Ik zag dat de Audi vervolgens met hoge snelheid weg reed, in de richting van de Prinses Irenelaan. Ik zag dat de Audi vervolgens linksaf ging, de Zwanenvechtlaan op. Ik zag op mijn snelheidsmeter van het dienstvoertuig, dat de snelheid hierbij op liep tot boven de 100 kilometer per uur. Dit terwijl er een maximale snelheid van 50 kilometer per uur van kracht is. Gelijk hierop hebben wij contact gezocht met het personeel van de regionale meldkamer van de politie te Utrecht en vertelden onze bevindingen. Ik hoorde dat er vervolgens meerdere politie eenheden zich in onze richting begaven. Gelijk hierna heb ik de optische en geluidssignalen van het dienstvoertuig in werking gesteld. Ik zag dat er op dat moment veel omstanders op straat waren. Zo zag ik dat er een moeder liep met een kinderwagen, die hard moest weg lopen voor de Audi ten einde een aanrijding te voorkomen. Ook zag ik verschillende fietsers die moesten uitwijken voor de Audi. Ik zag dat de Audi zijn weg vervolgde in de richting van de De Lessepstraat. Ik zag dat de Audi, ter hoogte van de kruising Zwanenvechtlaan met de Burgemeester van Tuyllkade over de stoep reed, met hoge snelheid. Ik zag dat verschillende voetgangers hierbij werden gehinderd en ten einde een aanrijding te voorkomen aan de kant moesten springen Ik zag dat de Audi vervolgens de De Lessepsstraat in reed. Ik zag dat dit met hoge snelheid gebeurde. Ik zag dat de Audi, ter hoogte van een middengeleider, het bord D2 negeerde en op de weghelft ging rijden bestemd voor het tegemoet komende verkeer. Ik zag dat verschillende personenauto's krachtig moesten remmen ten einde een frontale aanrijding te voorkomen. Ik zag dat de Audi vervolgens ter hoogte van de kruising met de De Lessepstraat en de Amsterdamsestraatweg het rode verkeerslicht negeerde en rechtsaf de Amsterdamsestraatweg in reed. Ik zag dat dit eveneens met hoge snelheid gebeurde. Ik zag dat de Audi op de Amsterdamsestraatweg linksaf de Martin Ovenweg op reed. Ik zag vervolgens dat hij linksaf de Bramerijweg op reed. Ik zag dat de Audi linksaf de Demkaweg op reed en met de bocht mee naar rechts reed. Ik zag dat de Audi vervolgens de Martin Ovenweg weer op reed in de richting van de Amsterdamsestraatweg. Aldaar ben ik de Audi uit het zicht verloren. (…)”