ECLI:NL:PHR:2014:1848
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Internationale bevoegdheid Nederlandse rechter bij vordering zuivere vermogensschade onder EEX-Verordening
Universal Music vordert vergoeding van vermogensschade die zij stelt te hebben geleden door een fout van een Tsjechisch advocatenkantoor bij het vaststellen van de formule voor de verkoopprijs van aandelen in een Tsjechische vennootschap. De schade betreft het verschil tussen de beoogde verkoopprijs en het betaalde schikkingsbedrag plus arbitragekosten.
De rechtbank Utrecht en het hof Arnhem-Leeuwarden verklaarden zich onbevoegd omdat de plaats van het schadebrengende feit en de initiële schade in Tsjechië liggen, terwijl de Nederlandse rechter slechts bevoegd zou zijn indien de schade in Nederland als plaats van het schadebrengende feit kan worden aangemerkt. Het hof oordeelde dat zuivere vermogensschade niet leidt tot internationale bevoegdheid van de rechter van het 'Erfolgsort'.
Universal Music stelde cassatieberoep in tegen dit oordeel. De kernvraag is of art. 5 sub Pro 3 EEX-Vo ook toepassing vindt op zuivere vermogensschade die het directe gevolg is van een onrechtmatige daad in een andere lidstaat, en of de plaats waar deze schade intreedt (bijvoorbeeld Nederland) als plaats van het schadebrengende feit kan worden aangemerkt.
De conclusie adviseert het HvJEU prejudiciële vragen te stellen over de uitleg van art. 5 sub Pro 3 EEX-Vo in dit verband, met name of de plaats van intreding van zuivere vermogensschade als 'plaats waar het schadebrengende feit zich heeft voorgedaan' kan gelden en hoe initiële schade dient te worden bepaald. De procedure wordt geschorst in afwachting van het HvJEU-arrest.
Uitkomst: De Hoge Raad schorst de procedure en legt prejudiciële vragen voor aan het HvJEU over de uitleg van art. 5 sub 3 EEX-Vo betreffende zuivere vermogensschade.