Conclusie
Onderdeel 2, dat klaagt dat het hof ten onrechte niet is ingegaan op Zoutenbiers verweer dat de tekortkoming in de nakoming van de informatieverplichting haar niet kan worden toegerekend danwel gezien haar bijzondere aard buiten beschouwing moet blijven, is tevergeefs voorgesteld omdat het bedoelde verweer blijkens de inhoud van het beroepschrift van 18 september 2013 (vgl. randnummers 2.1 t/m 2.9) betrekking had op de boedelachterstand en niet op de informatieverplichting. Nu het bestreden oordeel zelfstandig wordt gedragen door tekortkoming (iii), heeft [verzoekster] geen belang meer bij bespreking van
onderdeel 1. Daarin was onder meer de vraag opgeworpen of de boedelafdrachtverplichting blijft bestaan gedurende de verlenging van de looptijd van een schuldsaneringsregeling. Deze kwestie moet thans onbesproken blijven.