Conclusie
conclusiestrekt tot niet-ontvankelijkverklaring van verzoekers in hun cassatieberoep.
Parket bij de Hoge Raad
De Ondernemingskamer van het gerechtshof Amsterdam had op verzoek van een partij een onderzoek bevolen naar het beleid van Next Level Systems B.V. en een tijdelijke bestuurder benoemd. Tegen deze beschikking werd cassatieberoep ingesteld door een stichting en twee natuurlijke personen. Het cassatieverzoekschrift was echter niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad en het griffierecht was niet tijdig betaald.
De Hoge Raad wees erop dat ondertekening door een advocaat bij de Hoge Raad verplicht is volgens art. 426a lid 1 Rv en dat het niet tijdig betalen van griffierecht leidt tot niet-ontvankelijkheid. Verzoekers hadden geen herstel gebracht in de ondertekening en konden het griffierecht niet betalen. Daarnaast was de stichting niet in de vorige instantie verschenen, waardoor ook zij niet-ontvankelijk was.
Verder stelde de Hoge Raad dat de Ondernemingskamer geen bestuursorgaan is in de zin van de Awb, zodat de klachten over bestuursrechtelijke aspecten niet tot cassatie konden leiden. Het verzoek tot cassatie werd daarom niet-ontvankelijk verklaard.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van advocaatsondertekening en niet tijdige betaling van griffierecht.