Conclusie
1.Feiten
2.Procesverloop
“Let op! Glad brugdek”. (…) Het hof zal de gemeente op dit punt tot bewijslevering toelaten. Indien komt vast te staan dat de gemeente op 28 oktober 2008 waarschuwingsborden heeft neergezet, kan naar het oordeel van het hof reeds om die reden geen sprake zijn van aansprakelijkheid van de gemeente jegens [eiseres], noch op grond van artikel 6:174 BW Pro, noch op grond van artikel 6:162 BW Pro. Hierbij is van belang dat de gemeente naar het oordeel van het hof mocht verwachten dat de betreffende waarschuwing zou leiden tot een handelen of nalaten waardoor het gevaar op uitglijden op de fietsbrug werd vermeden. Het hof neemt bij dit oordeel in aanmerking dat de inhoud van de waarschuwing duidelijk is alsmede dat het bord aan de kant waar [eiseres] vandaan kwam dichtbij de brug aan de enige paal in de directe omgeving was bevestigd en zich op ooghoogte bevond. Dat betekent dat een normaal oplettende fietser het bord met de waarschuwing zal waarnemen. Het voorgaande brengt mee dat dat deze waarschuwing als een afdoende maatregel met het oog op de bescherming tegen het betreffende gevaar kan worden aangemerkt (vgl. HR 28 mei 2004, NJ 2005, 105).”
3.De grenzen van het recht of pech moet weg?
4.De grondslag van de vordering
5.Bespreking van het cassatiemiddel
sommerenaf te stappen, zoals het onderdeel kennelijk verdedigt. Wanneer, zoals in casu in ’s Hofs visie, een doorsnee fietser over voldoende informatie beschikt, is het primair aan hem om al dan niet af te stappen. [15] Hij kan er om hem moverende redenen ook voor kiezen om dat niet te doen, maar dan handelt hij op eigen risico. [16]
subonderdeel cklaagt [eiseres] dat het arrest blijk geeft van een onjuiste rechtsopvatting indien het inhoudt dat haar stellingen omtrent het gebruik van de brug in het kader van “grief 9” geen behandeling behoefden, aangezien de devolutieve werking van het hoger beroep meebrengt dat deze stellingen inhoudelijk in de beoordeling betrokken dienden te worden nu “grief 9” gegrond is verklaard. Voor zover het Hof heeft gemeend dat een oordeel omtrent deze stellingen in de overwegingen besloten is, is het arrest onvoldoende gemotiveerd, aldus [eiseres].