Conclusie
1.Feiten en procesverloop
( [2] )Subsidiair voert hij aan dat, voor het geval er sprake was van wilsovereenstemming, die gebonden was aan een opschortende voorwaarde van het verkrijgen van de benodigde vergunningen. Door het uitblijven van een reactie van de gemeente op een verzoek om overleg, wat [verweerder] heeft ervaren als een weigering om mee te werken aan de realisatie van diens plannen, is die voorwaarde niet in vervulling gegaan, zodat de overeenkomst nimmer is aangevangen. Indien niet van een opschortende maar van een ontbindende voorwaarde moet worden uitgegaan, dan is de overeenkomst vervallen.
( [3] )
( [4] )