ECLI:NL:PHR:2014:324
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling poging doodslag wegens onvoldoende bewijs voorwaardelijk opzet
Het gerechtshof Arnhem heeft verdachte veroordeeld voor poging tot doodslag en een overtreding van de Wegenverkeerswet. Verdachte kreeg een gevangenisstraf van 30 maanden, waarvan 15 maanden voorwaardelijk, en een rijontzegging van negen maanden. Verdachte stelde in hoger beroep dat hij geen voorwaardelijk opzet had op de dood van het slachtoffer, zijn oom.
De verdediging voerde aan dat verdachte slechts oppervlakkige sneden toebracht, niet op fatale plekken stak en direct medische hulp inschakelde. Het hof achtte het bewijs voor voorwaardelijk opzet echter voldoende, gelet op het gedrag van verdachte, het mes en de omstandigheden van het incident.
De Hoge Raad oordeelt dat het hof niet voldoende heeft gemotiveerd waarom het tot het oordeel kwam dat verdachte de aanmerkelijke kans op de dood van het slachtoffer heeft aanvaard. De medische verklaring vermeldt geen diepte van de steken of risico's voor het leven, en het hof heeft dit onvoldoende toegelicht. Daarom vernietigt de Hoge Raad het arrest voor zover het de poging tot doodslag betreft en verwijst de zaak terug voor hernieuwde beoordeling.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt veroordeling poging doodslag wegens onvoldoende bewijs voor voorwaardelijk opzet en verwijst zaak terug.