Conclusie
Verdachte was bij het betreden van Schiphol Oost in het bezit van een vervalste pas. Dit was de pas die hij met een medewerker had vervalst door deze van willekeurige personalia en zijn foto te voorzien. Hij heeft deze pas niet gebruikt, noch bij de toegangspoort – toen lag hij in de kofferbak – noch toen hij op het terrein van Schiphol Oost tussen de vliegtuigen rondliep.
Bij laatstgenoemd arrest werd de verdachte ook ontslagen van rechtsvervolging ter zake van het onder 1 bewezenverklaarde medeplegen van valsheid in geschrift bestaande in het aanbrengen op de reeds eerder genoemde KLM-personeelspas van andere personalia en de foto van verdachte. Volgens het Amsterdamse hof zou een veroordeling wegens valsheid in geschrift in vereniging gepleegd een beperking van het recht op vrije meningsuiting opleveren die niet noodzakelijk is in een democratische samenleving. Bovengenoemd arrest van de Hoge Raad heeft betrekking op alleen dit feit.
Het betoog van de verdediging dat de vervalsing van de KLM-personeelspas moet worden bezien in het geheel van alle handelingen die de verdachte ter uitvoering van zijn journalistieke onderzoek heeft verricht, kan, wat daarvan ook zij, niet tot een ander oordeel leiden. Het hof heeft immers de strafbaarheid van het tenlastegelegde en bewezenverklaarde feit te beoordelen. Bij die beoordeling gaat het in het onderhavige geval om de vraag of er bij het nastreven van het journalistieke doel voor het bewezenverklaarde handelen een minder ingrijpend alternatief bestond. Die vraag beantwoordt het hof bevestigend.
Nu is gebleken dat de verdachte en de medeverdachte het maatschappelijk probleem dat zij kenbaar wilden maken ook zonder het vervalsen van de pas onder de aandacht van het publiek konden brengen, is niet voldaan aan de eis dat voor de verdachte geen minder vergaande methode bestond om zijn doel te bereiken dan het vervalsen van de KLM-personeelspas.
Het verweer van de verdediging wordt verworpen.”
eerste middelkomt op tegen het oordeel dat valsheid in geschrift op zichzelf een ernstige inbreuk op de rechtsorde oplevert. Volgens de toelichting op het middel is de enkele constatering dat een strafrechtelijk voorschrift is overtreden onvoldoende om aan te nemen dat er dus een ernstige inbreuk op de rechtsorde heeft plaatsgevonden. Derhalve, aldus de toelichting op het middel, heeft het Hof verzuimd in zijn oordeel de concrete omstandigheden van het geval te betrekken. Daarbij wordt erop gewezen dat de feitelijke maatschappelijke impact van de vervalsing klein is geweest. Voorts wordt gesteld dat het Hof, door slechts in abstracto te kijken naar het belang van het geschonden voorschrift en niet de concrete omstandigheden van het geval mee te wegen, een verkeerde maatstaf heeft aangelegd bij de vaststelling dat sprake was van een ernstige inbreuk op de rechtsorde.
tweede middelklaagt dat het Hof bij de beantwoording van de vraag of er voor het door de verdachte nagestreefde doel een minder vergaand alternatief bestond dan het onderhavige vervalsen van de KLM-pas een te indringende toets heeft aangelegd. Volgens de toelichting op het middel heeft het Hof miskend dat de journalistieke vrijheid meebrengt dat de journalist niet alleen de boodschap, maar ook de vorm en wijze waarop die boodschap wordt gebracht mag vaststellen.
derde middelklaagt dat het Hof het beoogde doel van het vervalsen van de passen te beperkt heeft uitgelegd.
(…)
vierde middelklaagt dat het Hof bij de beantwoording van de vraag of er een minder ingrijpend alternatief bestond voor het onderzoeken van de deugdelijkheid van de beveiliging van Schiphol Oost dan het plegen van valsheid in geschrift teveel waarde heeft gehecht aan de omstandigheid dat verdachte de pas niet heeft gebruikt.
vijfde middelbevat enige klachten tegen de afweging van alle door het Hof in het kader van het bepaalde in art. 10 EVRM Pro in aanmerking genomen belangen.