Conclusie
[verdachte]
'fruits of the poisonous tree'. Een en ander geldt ook voor het bewijs omtrent de diefstal van de energie, aldus de raadsman.
Parket bij de Hoge Raad
Verdachte werd door het gerechtshof veroordeeld tot een gevangenisstraf van twintig weken, waarvan zes weken voorwaardelijk, wegens meervoudige oplichting, overtreding van de Opiumwet en diefstal van elektriciteit. De oplichting betrof het zich voordoen als betalende klant bij taxichauffeurs, waarbij hij meerdere ritten maakte zonder te betalen. Het hof achtte bewezen dat verdachte op bedrieglijke wijze het vertrouwen van de taxichauffeurs had misbruikt door zich als klant voor te doen terwijl hij wist dat hij niet zou betalen.
Daarnaast werd bewezen verklaard dat verdachte hennepplanten in zijn woning had en dat hij samen met een ander elektriciteit had gestolen door de hoofdaansluitkast te manipuleren. Verdachte voerde in cassatie aan dat het bewijs onrechtmatig was verkregen omdat de politie zonder rechterlijke machtiging zijn woning was binnengetreden. De Hoge Raad oordeelde echter dat de politie op grond van artikel 9 lid 1 onder Pro b van de Opiumwet gerechtigd was tot het betreden van de woning vanwege het redelijk vermoeden van een hennepkwekerij.
De Hoge Raad verwierp de middelen van cassatie en bevestigde de bewezenverklaring en veroordeling. De straf en de toegewezen schadevergoedingen werden gehandhaafd. De uitspraak benadrukt het belang van het maatschappelijk verkeer en het verwachtingspatroon bij het aannemen van een valse hoedanigheid bij oplichting en bevestigt de wettelijke bevoegdheden van opsporingsambtenaren bij hennepgerelateerde zaken.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt veroordeling verdachte voor oplichting, overtreding Opiumwet en diefstal elektriciteit met gevangenisstraf van twintig weken, waarvan zes voorwaardelijk.