ECLI:NL:PHR:2015:2123
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet tijdig indienen middelen
Verdachte is door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot zes jaar gevangenisstraf. Tegen dit vonnis is beroep in cassatie ingesteld. De aanzegging van het cassatieberoep is op correcte wijze aan verdachte betekend op 12 februari 2015. De wettelijke termijn voor het indienen van schriftuur houdende middelen van cassatie liep af op 13 april 2015.
Binnen deze termijn is echter geen schriftuur ingediend door of namens verdachte. Hierdoor voldoet het cassatieberoep niet aan de formele vereisten zoals gesteld in artikel 437 lid 2 Sv Pro. De Procureur-Generaal concludeert daarom dat verdachte niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het cassatieberoep.
De Hoge Raad zal op basis van deze conclusie het cassatieberoep van verdachte niet-ontvankelijk verklaren, waardoor het vonnis van het gerechtshof in stand blijft zonder inhoudelijke behandeling van de zaak.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van schriftuur houdende middelen.