ECLI:NL:PHR:2015:2405
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens ontbreken middelen van cassatie
Het Gerechtshof Den Haag heeft bij arrest van 16 juni 2014 het vonnis van de Politierechter bevestigd in een ontnemingszaak tegen betrokkene. Betrokkene stelde tijdig beroep in cassatie in tegen dit arrest. Echter, conform artikel 437, tweede lid, Sv in verbinding met artikel 511h Sv, dient binnen twee maanden na de betekening van de aanzegging een schriftuur met middelen van cassatie te worden ingediend door een raadsman. In deze zaak is geen schriftuur ingediend bij de Hoge Raad. Hierdoor is betrokkene niet-ontvankelijk in zijn cassatieberoep verklaard. De conclusie van de Procureur-Generaal strekt tot deze niet-ontvankelijkverklaring.
Uitkomst: Betrokkene is niet-ontvankelijk verklaard in zijn cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van middelen van cassatie.