Conclusie
“oplichting, meermalen gepleegd”veroordeeld tot een taakstraf voor de duur van zestig uren, indien niet naar behoren verricht te vervangen door dertig dagen hechtenis en vrijgesproken voor de zaak met parketnummer 05-800361-12.
mr. S.M. Diekstra, advocaat te Den Haag, bij schriftuur één middel van cassatie voorgesteld. Het beroep is in het licht van die cassatieschriftuur kennelijk niet gericht tegen de vrijspraak in de zaak met parketnummer
05-800361-12.
middel, gelezen in samenhang met de toelichting, klaagt over de motivering van het bewezenverklaarde feit en in het bijzonder feit het oordeel van het hof dat (het) verlof (van een militair ambtenaar) kan worden aangemerkt als een ‘goed’ in de zin van art. 326 Sr Pro.
22 maart 2012 (dossierpag. 10 e.v.), voor zover inhoudende als verklaring van [betrokkene 2] , zakelijk weergegeven:
[verdachte] . Hij zei dat [verdachte] wel zo’n 100 à 120 dagen verlof had en of dat normaal was in Nederland. Ik heb gezegd dat het niet normaal was en dat ik het na zou kijken. Ik heb toen gekeken in het rooster, bij de National Support Unit en in PS (hof: Peoplesoft). Daar bleken heel grote gaten tussen de daadwerkelijk opgenomen vrije dagen en de geregistreerde dagen.
art. 326 Sr Pro. Dit op de grond dat:
nietis bewezenverklaard het door listige kunstgrepen zijn leidinggevende bewegen tot het verlenen
van verlof, maar
welhet door listige kunstgrepen zijn leidinggevende bewegen tot het verlenen
van toestemming voor het opnemen vanverlof. Kennelijk gaat de steller van het middel ervan uit dat het verlenen van verlof is aangemerkt als afgifte van een goed en dat is in het licht van hetgeen is bewezenverklaard onjuist omdat hooguit gezegd kan worden dat toestemming voor het verlenen van verlof is aangemerkt als afgifte van een goed in de zin van art. 326 Sr Pro. In zoverre berust het middel dan ook op een verkeerde lezing van ’s hofs arrest en ontbeert het feitelijke grondslag. [2] Echter in de bewijsoverweging oordeelt het hof dat verlof een goed is. Dat is weliswaar niet relevant voor de bewezenverklaring, maar verdient wel nadere bespreking.
art. 350a Sr, dat manipulatie van computergegevens strafbaar stelt. Er is hier echter gekozen voor vervolging ter zake van oplichting. Het bewegen tot het verlenen van toestemming tot het opnemen van verlof(uren) is bewezenverklaard. Aan verdachte is volgens de bewezenverklaring toestemming voor verlof verleend, terwijl hij voorgaf nog recht op verlof te hebben. Zijn verlofdagen waren opgesoupeerd, maar dat bleek bij gebreke van registratie niet uit het geautomatiseerde systeem. De kern van het verwijt is gelet op de bewezenverklaring dat hij het (oude en reeds genoten) verlof niet registreerde en (nieuw) verlof aanvroeg terwijl hij daarvoor geen ruimte meer had en zo de leidinggevende bewoog tot het geven van toestemming voor het opnemen van verlof.
art. 326 Sr Pro bedoelde zin, geeft het oordeel van het Hof dat zo een vergunning een goed is in de zin van art. 326 Sr Pro niet blijk van een onjuiste rechtsopvatting.” [23] Of, zoals Pompe indertijd meende, zonder meer doorslaggevend is dat het om een schriftelijk stuk gaat valt te betwijfelen. Immers in 2013 spreekt de Hoge Raad van een document of schriftelijke verklaring. Het begrip document omvat naast geschreven (en gedrukte) (bewijs)stukken nog meer. Wie een document opent, bedoelt daarmee dat hij een tekstbestand op zijn pc opent. Een nadere eis van de Hoge Raad is dat de schriftelijke verklaring of het document vatbaar moet zijn voor afgifte.