ECLI:NL:PHR:2015:829
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Tussentijdse beëindiging van schuldsaneringsregeling wegens niet-naleving verplichtingen en nieuwe schulden
De rechtbank Midden-Nederland heeft op 1 december 2014 de schuldsaneringsregeling van verzoeker tussentijds beëindigd omdat hij zijn sollicitatieverplichting en informatieplicht jegens de bewindvoerder niet naar behoren is nagekomen. Tevens heeft verzoeker onvoldoende informatie verstrekt over contante opnames en stortingen.
In hoger beroep heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden dit vonnis op 9 februari 2015 bekrachtigd. Het hof stelde vast dat verzoeker een nieuwe schuld bij Menzis had laten ontstaan, wat op grond van art. 350 lid 3 onder Pro d Fw een zelfstandige grond vormt voor tussentijdse beëindiging.
Verder oordeelde het hof dat de sollicitatieplicht onverminderd van toepassing was en dat verzoeker deze niet is nagekomen. Ook werd vastgesteld dat verzoeker zijn gokgedrag en de daarmee samenhangende contante opnames niet aan de bewindvoerder had gemeld, en nauwelijks reageerde op verzoeken om informatie, waaronder over een ontvangen schadevergoeding.
Het gokgedrag, waarbij ruim € 2.000,- werd vergokt, was onverenigbaar met de verplichtingen uit de schuldsaneringsregeling. Het hof vond dat dit gedrag niet kon worden hersteld door verlenging van de regeling en wees het verzoek daartoe af.
Uitkomst: De schuldsaneringsregeling is tussentijds beëindigd wegens niet-naleving van verplichtingen en het ontstaan van nieuwe schulden.