Conclusie
Vidgen-verweer
voor nog wat vandie uh textiel… Had je nog Zara?” (cursivering, AG). Bij een eerdere transactie was de hasjiesj kennelijk ingeladen in Bergen op Zoom.
Parket bij de Hoge Raad
Verzoeker werd door het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld wegens het opzettelijk vervoeren en aanwezig hebben van grote hoeveelheden hasjiesj. Een belangrijk onderdeel van het bewijs bestond uit verklaringen van een getuige die was overleden voordat de verdediging hem kon ondervragen. De verdediging voerde aan dat deze verklaringen op grond van de Vidgen-jurisprudentie van het EHRM uitgesloten moesten worden vanwege het ontbreken van hoor en wederhoor en compenserende waarborgen.
Het hof oordeelde echter dat de bewezenverklaring niet uitsluitend op deze verklaringen steunde, maar ook werd ondersteund door afgeluisterde telefoongesprekken, observaties en verklaringen van andere betrokkenen. Zo werd onder meer ruim 50 kilo hasjiesj aangetroffen in de auto van verzoeker op 5 november 2012, wat het bewijs voor de eerdere leveringen versterkte.
De Hoge Raad bevestigt dat de verklaringen van de overleden getuige in voldoende mate werden ondersteund door andere bewijsmiddelen en dat het hof daarmee niet onjuist heeft geoordeeld. Het middel faalt en het cassatieberoep wordt verworpen. De uitspraak van het hof blijft daarmee in stand.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor hasjiesj-leveringen blijft in stand.