Conclusie
1.Feiten en procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
onderdeel 1wordt geklaagd dat betrokkene niet op de juiste wijze is opgeroepen om door de rechtbank te worden gehoord: het huisnummer was in de oproepingsbrief onjuist vermeld (18 in plaats van 18b). Betrokkene heeft de oproep dan ook niet, althans niet tijdig, ontvangen. Volgens de toelichting op deze klacht werd pas op 6 juni 2016, de dag van het verhoor, nadat de rechter bij de woning met het huisnummer zoals vermeld in de oproepingsbrief had aangebeld, duidelijk dat de oproepingsbrief verkeerd was geadresseerd en op het verkeerde adres was aangekomen. De rechter ontving de oproepingsbrief retour en is daarmee naar het juiste adres gegaan. Betrokkene werd daar aangetroffen. De rechter heeft de oproepingsbrief toen alsnog aan betrokkene overhandigd [3] .
het vermoedenvan een stoornis. Het vermoeden van een stoornis is niet voldoende voor het verlenen van een voorlopige machtiging als bedoeld in art. 2 Wet Pro Bopz.
behandelendpsychiater [psychiater 2] opgenomen: