Conclusie
4.Ontvankelijkheid van het beroep
5.Het verloop van de procedure
6.Het middel
eigen, zelfstandigoordeel moeten vormen omtrent de vraag of zich zeer uitzonderlijke omstandigheden voordoen die het belang dat de waarheid aan het licht komt doen prevaleren boven het verschoningsrecht van de klaagster.
een redelijk vermoeden van schuldaan een ernstig strafbaar feit is juist. [5] Van ernstige bezwaren als bedoeld in art. 67 lid 3 Sv Pro tegen de klaagster behoeft dus geen sprake te zijn.