ECLI:NL:PHR:2016:426
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Vernietiging arrest wegens schending aanwezigheidsrecht verdachte in psychiatrisch ziekenhuis
Het Gerechtshof 's-Hertogenbosch verklaarde verdachte niet-ontvankelijk in hoger beroep tegen een veroordeling voor diefstal. Verdachte was niet verschenen op de terechtzitting, waarop het hof verstek verleende en de zaak voortzette. De advocaat van verdachte kon geen contact met haar krijgen en wist niet waar zij verbleef, hoewel bekend was dat zij soms in een GGZ-instelling verbleef.
Later bleek uit overgelegde stukken dat verdachte ten tijde van de zitting in hoger beroep opgenomen was in een psychiatrisch ziekenhuis. Hierdoor was zij verhinderd om aanwezig te zijn bij de behandeling van haar zaak. De Hoge Raad oordeelt dat het hof onjuist heeft gehandeld door verstek te verlenen zonder rekening te houden met deze omstandigheden.
Gelet op het grote belang van het aanwezigheidsrecht van verdachte, vernietigt de Hoge Raad het arrest en wijst de zaak terug naar het hof voor een nieuwe behandeling in hoger beroep, waarbij verdachte in persoon of door een gevolmachtigde raadsman aanwezig kan zijn. Het middel dat klaagt over de geldigheid van de dagvaarding faalt, omdat de betekening volgens het hof correct was verlopen.
De Hoge Raad benadrukt dat het vermoeden van vrijwillige afstand van het aanwezigheidsrecht kan worden weerlegd indien blijkt dat de verdachte door ziekte niet kon verschijnen zonder dat de rechter daarvan op de hoogte was. De zaak wordt hiermee heropend om het proces eerlijk te laten verlopen.
Uitkomst: Het arrest van het hof wordt vernietigd en de zaak wordt terugverwezen voor nieuwe behandeling in aanwezigheid van verdachte.