ECLI:NL:PHR:2016:447
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt niet-ontvankelijkheid cassatieberoep inzake erkenning Egyptische echtscheiding en alimentatie
De zaak betreft een echtscheiding tussen een Egyptisch echtpaar, waarbij de vrouw en dochter in Egypte wonen en de man in Nederland. De Egyptische rechter heeft het huwelijk ontbonden via een verstoting, maar deze echtscheiding werd in Nederland niet erkend omdat de vrouw niet vrijwillig instemde met de ontbinding.
De vrouw vroeg in Nederland om echtscheiding met vaststelling van kinder- en partneralimentatie. De Nederlandse rechtbank sprak de echtscheiding uit, wees kinderalimentatie toe maar wees partneralimentatie af. Het hof bekrachtigde deze beslissingen en oordeelde dat de vrouw onvoldoende had onderbouwd dat zij recht had op partneralimentatie volgens Egyptisch recht.
De vrouw stelde cassatieberoep in tegen het oordeel over kinderalimentatie en partneralimentatie, maar de Hoge Raad verklaarde het beroep niet-ontvankelijk op grond van artikel 80a RO. De klachten konden niet tot cassatie leiden, mede omdat het hof de feiten juist had vastgesteld en de vrouw onvoldoende had aangetoond dat zij niet had ingestemd met de Egyptische echtscheiding.
Uitkomst: Het cassatieberoep werd niet-ontvankelijk verklaard, waardoor de eerdere beslissingen over erkenning van de echtscheiding en alimentatie in stand bleven.