Conclusie
Feit 1 onder A: Onttrekken Landrover Discovery
Feit 2: [F] B. V.
Parket bij de Hoge Raad
Het gerechtshof Amsterdam heeft verdachte veroordeeld voor feitelijke leiding geven aan bedrieglijke bankbreuk en medeplegen daarvan, waarbij hij als bestuurder betrokken was bij het onttrekken van een Landrover Discovery en een bedrag van €10.000 aan twee failliete boedels. Verdachte ontkende opzet en stelde dat de auto was overgedragen aan de opvolger en dat het geldbedrag niet uit de boedel afkomstig was.
Het hof oordeelde dat verdachte zich bewust was van het faillissement en dat hij de auto niet ter beschikking hield van de curator, waardoor de rechten van de schuldeisers werden verkort. Ook het geldbedrag van €10.000, afkomstig uit de verkoop van activa, werd door verdachte onttrokken aan de boedel terwijl hij feitelijk leiding gaf aan deze verboden gedragingen.
De Hoge Raad verwierp het cassatieberoep van verdachte, waarbij werd bevestigd dat het hof de bewijsvoering en het opzet van verdachte terecht had beoordeeld. Verdachte had de aanmerkelijke kans aanvaard dat hij handelde in strijd met de belangen van de schuldeisers door zich afzijdig te houden en de goederen niet ter beschikking te stellen.
De veroordeling bleef in stand en de Hoge Raad vond geen aanleiding tot vernietiging van het vonnis. De zaak betreft complexe faillissementsfraude met nadruk op feitelijke leiding en medeplegen bij bedrieglijke verkorting van schuldeisersrechten.
Uitkomst: Hoge Raad bevestigt veroordeling verdachte voor feitelijke leiding en medeplegen bedrieglijke bankbreuk met voorwaardelijke gevangenisstraf van 12 maanden.