ECLI:NL:PHR:2017:542
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad vernietigt veroordeling wegens disproportionele verdediging met mes bij poging zware mishandeling
De zaak betreft een poging tot zware mishandeling waarbij de verdachte tijdens een uitzetting uit zijn woning met een mes zwaaide en het slachtoffer raakte. De verdachte werd door het hof veroordeeld tot een taakstraf wegens het niet proportioneel achten van zijn verdediging met het mes. De verdediging voerde primair noodweer aan, subsidiair noodweerexces en putatief noodweer.
Het hof stelde vast dat de verdachte in zijn bovenwoning werd aangevallen en vervolgens buiten onderaan de trap stevig werd vastgehouden. Het hof oordeelde dat de zwaaiende beweging met het mes niet in redelijke verhouding stond tot het stevig beetgehouden worden en verwierp het beroep op noodweer, noodweerexces en putatief noodweer.
De Hoge Raad benadrukte dat bij de beoordeling van proportionaliteit de gehele context van de aanranding moet worden betrokken, waaronder het voorafgaande geweld en bedreigingen in de woning. De Hoge Raad oordeelde dat het hof ten onrechte alleen keek naar het stevig beetgehouden worden en niet de eerdere gewelddadige uitzetting meenam, waardoor het oordeel niet begrijpelijk was.
De Hoge Raad vernietigde het arrest en verwees de zaak terug voor hernieuwde beoordeling. De conclusie benadrukt dat de keuze en wijze van verdediging in verhouding moeten staan tot de ernst van de gehele aanranding en dat het hof onvoldoende rekening hield met de context en omstandigheden.
Uitkomst: De Hoge Raad vernietigt het hofarrest wegens onbegrijpelijk oordeel over disproportionele verdediging met mes en verwijst de zaak terug.