Conclusie
Boskalis Holding B.V.
Fugro N.V.
om al hetgeen te doen dat nodig is om te komen tot een onmiddellijke beëindiging van de beschermingsconstructie die is ingesteld op het niveau van twee in Curaçao gevestigde dochtermaatschappijen van Fugro (stempunt).”
2.Procesverloop
3.Bespreking van het beroep op niet-ontvankelijkheid
www.telegraaf.nlen op
www.iex.nlvan die dag stond:
“Boskalis gaat niet in cassatie, zo liet een zegsman weten.”Op
www.beurs.nlstond
“Het is een duidelijke uitspraak en wij leggen ons daar nu bij neer. We gaan niet in cassatie en zijn nu klaar met de rechtsgang, zei woordvoerder [betrokkene] desgevraagd tegen ABM Financial News.”Op
www.beursinfo.comvan 31 augustus 2016 stond:
“Baggerconcern legt zich neer bij uitspraak en gaat niet in cassatie. Boskalis Westminster legt zich neer bij de uitspraak van het Gerechtshof in Den Haag in het hoger beroep tegen Fugro. Dit meldde het baggerconcern dinsdag in een reactie op deze uitspraak. (…)”
www.beurs.nlgeplaatste bericht volgt dat dit van ABM Financial News is overgenomen. Uit de bewoordingen in de andere berichten kan die conclusie niet worden getrokken. Echter, Fugro haalt in haar incidentele conclusie de door ABM Financial News geplaatste mededeling aan en stelt dat deze mededeling ‘door verschillende media is opgetekend’. [3] Daaruit volgt mijns inziens dat ook in de visie van Fugro (slechts) sprake is geweest van een eenmalige mededeling die vervolgens door andere media is overgenomen. Ik zal daar dan ook vanuit gaan.
www.deaandeelhouder.nlmaatgevend. [15] Daarin valt op dat de woordvoerder van Boskalis enerzijds verklaart dat Boskalis zich bij de uitspraak neerlegt maar anderzijds dat zij
zich beraadt op haar positie(hetgeen Fugro in het citaat in haar incidentele conclusie onvermeld laat). Deze uitlatingen laten - in samenhang gelezen - enige twijfel ontstaan over de wil van Boskalis, aangezien de beide uitlatingen niet met elkaar te rijmen zijn. Naar mijn mening mocht Fugro hier niet zonder meer uit afleiden dat Boskalis in de uitspraak van het Hof berustte, temeer nu het een door de pers opgetekende (en dus niet van Boskalis zelf afkomstige) verklaring betrof. Het lag onder deze omstandigheden dan ook op de weg van Fugro om hierover navraag bij Boskalis te doen. [16]
jegens de wederpartij, hetgeen naar mijn mening niet aan de orde is. Ik verwijs wat dit betreft naar 3.10. Ik ga in op de relevante omstandigheden:
- het betrof een eenmalige mondelinge uitlating tegenover een persbureau;
- Boskalis heeft geen persbericht doen uitgaan en evenmin melding van berusting gedaan op haar website;
- de uitlating is gedaan kort nadat Boskalis van de uitspraak kennis had genomen; Fugro kon daaruit afleiden dat nog geen diepgaand intern overleg over de uitspraak had plaatsgevonden;
- de cassatietermijn bedroeg twee maanden; Boskalis had er geen belang bij om op de eerste dag afstand te doen van het recht om in cassatie te gaan. Weliswaar geldt bij art. 3:35 BW Pro niet het nadeelsvereiste, het feit dat een handeling nadelig is speelt wel een rol bij de beoordeling van de goede trouw.