Conclusie
1.Feiten en procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
petitum) zijn inderdaad geen concrete bedragen opgenomen, noch is daar uitdrukkelijk een koppeling gemaakt met de berekening uit 2005. Het dictum van het vonnis is in overeenstemming met de vordering in de dagvaarding.
petitumbeschouwd als een vordering tot schadevergoeding.
in dit verbandniet ter zake dienende – vaststelling dat de werknemer geen betaling van een concreet bedrag aan schadevergoeding had gevorderd.
petitum) zodanig was geformuleerd dat zij kan worden toegewezen zonder dat de rechter enige uitspraak behoeft te doen over de (in grief 3 aan de orde gestelde) grondslag waarop de schade zal moeten worden berekend: wel of niet rekening houdend met het wegvallen van andere inkomenscomponenten. Indien dit de achterliggende gedachte is geweest, acht ik deze rechtens onjuist. Het vonnis van de rechtbank laat geen andere lezing toe dan dat de veroordelingen onder II en onder IV betrekking hebben op de vastgestelde aanspraken ter zake van FPU respectievelijk pensioen alsof in de periode tot 1 maart 2004 pensioenaanspraken waren opgebouwd over (ook) de gratificaties en nabetalingen. Daarmee is uitgesloten dat de aanspraken onderscheidenlijk de schadevergoeding alsnog wordt vastgesteld op een bedrag dat lager is dan die aanspraken, zoals Stadstoezicht blijkens grief 3 voor ogen stond.