Conclusie
forum necessitatis) had moeten nagaan of de Nederlandse rechter internationaal bevoegd zou zijn om kennis te nemen van het verzoek van een Nederlandse man en zijn Braziliaanse vrouw tot adoptie naar Nederlands recht van een Braziliaans kind. De man en de vrouw zijn samen met het kind in Brazilië woonachtig en hebben het kind reeds in Brazilië geadopteerd.
2.Bespreking van het cassatiemiddel
forum necessitatis.
forum necessitatis– worden wel nadere eisen gesteld: het moet gaan om een dagvaardingsprocedure, de zaak moet voldoende met de rechtssfeer van Nederland zijn verbonden en het is onaanvaardbaar van de eiser te vergen dat hij de zaak aan het oordeel van een buitenlandse rechter onderwerpt. [12] Voor beide vormen geldt dat sprake is van een noodbevoegdheid die in uitzonderingsgevallen van toepassing is. In de onderhavige zaak is art. 9, aanhef en onder c, Rv niet aan de orde.
nietheeft toegepast en waarom die toepassing buiten beschouwing is gebleven. [13] De rechter gaat in het Nederlandse procesrecht bij het vaststellen van zijn bevoegdheid immers uit van de stellingen van de eiser in de dagvaarding dan wel in het geval van een verzoekschrift van de stellingen van de verzoeker. [14] In de onderhavige zaak hebben verzoekers in het verzoekschrift in eerste aanleg louter aangevoerd dat de Nederlandse rechter rechtsmacht toekomt op grond van art. 3 Rv Pro. [15] De rechtbank heeft voldoende aanknopingspunten met de Nederlandse rechtssfeer aanwezig geacht om van het verzoek kennis te nemen. De rechtbank heeft de volgende aanknopingspunten genoemd: de Nederlandse nationaliteit van verzoeker, de stelling van verzoekers dat zij zich mogelijk ooit als gezin in Nederland willen vestigen, dat zij al eerder in Nederland hebben gewoond en dat zij in Nederland zijn gehuwd. Het hof heeft in rov. 5 van de bestreden beschikking deze omstandigheden onvoldoende geacht en de stellingen van verzoekers ‘niet redengevend genoeg en bovendien te weinig concreet’ voor het aannemen van rechtsmacht. Zoals gezegd, wordt hierover in cassatie niet geklaagd. Anders dan het middel betoogt, kan van de rechter in het kader van de ambtshalve toepassing van de bepalingen inzake de rechtsmacht van de Nederlandse rechter niet worden verlangd dat hij treedt in allerlei mogelijke scenario’s van de consequenties waartoe een onbevoegdverklaring aanleiding zou kunnen geven. Hierop stuit het middel mijns inziens af.