ECLI:NL:PHR:2018:1244
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring betrokkene in cassatieberoep wegens niet-tijdig indienen middelen
Het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden heeft bij arrest vastgesteld dat betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel had ter hoogte van €23.000, waarvan €15.000 aan de Staat moest worden betaald. Tegen dit arrest is tijdig beroep in cassatie ingesteld door betrokkene.
Volgens artikel 511h Sv in verbinding met artikel 437, tweede lid, Sv moet binnen twee maanden na betekening van de aanzegging een schriftuur met middelen van cassatie worden ingediend door een raadsman van betrokkene. In deze zaak is deze schriftuur niet tijdig ingediend bij de Hoge Raad.
Daarom concludeert de Procureur-Generaal dat betrokkene niet-ontvankelijk moet worden verklaard in het cassatieberoep. Deze conclusie leidt tot het niet-ontvankelijk verklaren van betrokkene in het beroep, waarmee het cassatieberoep niet inhoudelijk wordt behandeld.
Uitkomst: Betrokkene wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van middelen.