ECLI:NL:PHR:2018:1503
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Cassatieberoep niet-ontvankelijk wegens niet-electronische procesinleiding en ontbreken advocaat
In deze zaak heeft het gerechtshof Den Haag in hoger beroep de eerdere vonnissen van de rechtbank Rotterdam vernietigd en eiser tot betaling veroordeeld. Eiser heeft vervolgens een beroepschrift tot cassatie ingediend bij de Hoge Raad, maar deze procesinleiding was niet ondertekend door een advocaat bij de Hoge Raad en niet elektronisch ingediend zoals voorgeschreven.
De griffier van de Hoge Raad heeft eiser gewezen op deze vormverzuimen en een termijn van twee weken gegeven om deze te herstellen. Eiser heeft dit niet binnen de gestelde termijn gedaan en ook een verzoek tot verlenging van deze termijn is afgewezen.
De Hoge Raad oordeelt dat het cassatieberoep niet-ontvankelijk is omdat niet voldaan is aan de vereisten van artikel 30c lid 1 Rv (elektronische indiening) en artikel 407 lid 3 Rv Pro (aanwijzing advocaat bij de Hoge Raad). Hierdoor wordt het beroep afgewezen zonder inhoudelijke behandeling.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet-elektronische indiening en ontbreken van advocaat bij de Hoge Raad.