ECLI:NL:PHR:2018:40
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Procesrechtelijke beoordeling van cassatieberoep bij voeging van zaken met identieke vorderingen
Deze zaak betreft een incident in cassatie over de vraag of een cassatieberoep is ingesteld in twee gevoegde zaken met identieke vorderingen, terwijl in de procesinleiding slechts het zaaknummer van één zaak is vermeld.
De Hoge Raad overweegt dat voeging van zaken de zelfstandigheid van elke zaak niet opheft en dat in principe in elke zaak afzonderlijk een rechtsmiddel moet worden ingesteld. Echter, in dit geval zijn de zaken nauw verbonden, is er één arrest gewezen over beide zaken en zijn de vorderingen identiek. De inhoud van het cassatiemiddel maakt duidelijk dat het beroep zich richt op de arresten in beide zaken.
De Raad concludeert dat het ontbreken van het tweede zaaknummer in de procesinleiding niet betekent dat het beroep in die zaak ontbreekt, mede gelet op de strenge eisen aan de uitleg van processtukken en het belang van rechtszekerheid. De incidentele vorderingen van niet-ontvankelijkheid worden verworpen.
Uitkomst: Het cassatieberoep is ook ingesteld in de tweede gevoegde zaak ondanks het ontbreken van het zaaknummer in de procesinleiding.