Conclusie
één middelvan cassatie voorgesteld. Dit middel heeft betrekking op de bewezenverklaring van het hof dat de verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan het medeplegen van voorbereidingshandelingen voor een woninginbraak.
Parket bij de Hoge Raad
De verdachte werd door het hof Arnhem-Leeuwarden veroordeeld tot een gevangenisstraf van zes weken wegens het voorbereiden van diefstal met braak in een woning gedurende de voor nachtrust bestemde tijd. Bij de aanhouding werden inbrekersgereedschappen gevonden die deels ook voor autodiefstal gebruikt kunnen worden. De verdediging voerde aan dat de voorbereidingshandelingen gericht waren op autodiefstal, waarvoor geen gevangenisstraf van acht jaar of meer staat, en dat daarom vrijspraak moest volgen.
Het hof oordeelde echter dat de omstandigheden, waaronder het geritsel in de tuinen van woningen, de locatie van de verdachten nabij achtertuinen en het aangetroffen gereedschap dat specifiek geschikt is voor het openbreken van cilindersloten, wezen op een voorbereiding van woninginbraak. De enkele bruikbaarheid van het gereedschap voor autodiefstal deed hieraan niet af.
De Hoge Raad onderschrijft dit oordeel en acht het begrijpelijk en voldoende gemotiveerd. Het cassatieberoep wordt verworpen. De zaak betreft een samenhangend dossier met meerdere aanhangige zaken bij de Hoge Raad. De Hoge Raad benadrukt dat het misdadige doel van het gebruik van het gereedschap bepalend is voor de kwalificatie van het voorbereidingsdelict.
Uitkomst: Het cassatieberoep wordt verworpen en de veroordeling voor voorbereidingshandelingen woninginbraak blijft in stand.