Conclusie
“afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen” en “
poging tot afpersing, terwijl het feit wordt gepleegd door twee of meer verenigde personen” werd veroordeeld tot een gevangenisstraf voor de duur van veertien maanden, met aftrek als bedoeld in art. 27 Sr Pro.
medegelet op het feit dat deze verklaring op meerdere onderdelen wordt bevestigd door de verklaring van verdachte. Uit de - door het hof overgenomen - bewijsvoering van de rechtbank volgt dat de tot het bewijs gebezigde verklaring van aangever [betrokkene 1] in de kern inhoudt dat [medeverdachte] op 20 oktober 2015 met drie mannen, waaronder een Turkse man, de sportschool binnenkwam, dat vervolgens door [medeverdachte] aangegeven werd dat de aangever een bedrag moest gaan betalen, dat de Turkse man dit meerdere keren herhaalde op een dreigende en agressieve toon, dat de aangever dit als bedreigend heeft ervaren, dat hij vervolgens [medeverdachte] 310 euro heeft gegeven en dat [medeverdachte] daarop heeft aangegeven dat de verdachten enkele dagen later “
10” wilden hebben. Het hof heeft kennelijk en niet onbegrijpelijk geoordeeld dat die verklaring op meerdere onderdelen steun vindt in de overige gebezigde bewijsmiddelen. Zo vindt het bezoek van de mannen (waaronder verdachte) aan de sportschool, alsmede de omstandigheid dat [medeverdachte] geld wilde van de aangever, bevestiging in verdachtes tot het bewijs gebezigde verklaring. Daarnaast volgt het door de aangever beschreven bedreigende karakter van dat bezoek niet alleen uit het WhatsApp-gesprek van de vrouw van de aangever met de getuige [getuige] , maar ook uit de omstandigheid dat de mannen op de 20e aangaven enkele dagen later terug te zullen komen. Dat de verdachte op 24 oktober 2015 daadwerkelijk weer naar de sportschool is gegaan, vindt niet alleen steun in diens verklaring, maar ook in onderzoek van telefoongegevens en observaties.