ECLI:NL:HR:2003:AF3121
Hoge Raad
- Cassatie
- C.J.G. Bleichrodt
- A.M.J. van Buchem-Spapens
- J.P. Balkema
- A.J.A. van Dorst
- E.J. Numann
- Rechtspraak.nl
Vernietiging en verwijzing in milieustrafzaak inzake onrechtmatige lozing baggerspecie in Maas
De zaak betreft een strafrechtelijke procedure tegen de verdachte wegens het zonder vergunning lozen van baggerspecie, een afvalstof, in het winterbed van de Maas. Het Hof ’s-Hertogenbosch had de verdachte veroordeeld voor overtredingen van milieuregelgeving, maar sprak hem vrij van een primair tenlastegelegd feit. De verdachte stelde onder meer dat hij te goeder trouw handelde en dat het slib niet vervuild was.
De Hoge Raad oordeelde dat het Hof onvoldoende had gemotiveerd dat de verdachte opzettelijk handelde met betrekking tot het primaire tenlastegelegde feit. Het bewijs was ontoereikend om het opzet te onderbouwen. Voor het subsidiaire feit was het opzet wel voldoende bewezen verklaard. De Hoge Raad vernietigde daarom het arrest voor zover het het primaire feit en de strafoplegging betreft en verwees de zaak naar het Hof Arnhem voor hernieuwde berechting.
Daarnaast werd een kennelijke misslag geconstateerd in de toepassing van wetsartikelen door het Hof, welke de Hoge Raad ambtshalve verbeterde. Het overige beroep werd verworpen. De uitspraak benadrukt de zorgvuldigheid die vereist is bij bewijswaardering en motivering in milieustrafzaken.
Uitkomst: Hoge Raad vernietigt arrest Hof voor primair feit en verwijst zaak naar Hof Arnhem voor hernieuwde berechting.