Conclusie
eerste middelklaagt dat de verdachte in de procedure bij het Hof geen eerlijk proces heeft gehad in de zin van artikel 6 van Pro het EVRM omdat de voorzitter vooringenomen was en de verdachte zich door hem onder druk gezet voelde. Meer specifiek wordt geklaagd over het volgende:
aanvang van het onderzoek
Identificatie verdachte/raadsvrouw
tweede middelricht zich tegen de motivering van de strafoplegging. Meer specifiek klaagt het middel dat een zeer lange gevangenisstraf is opgelegd zonder dat door het Hof merkbare aandacht is besteed aan de door de reclassering, een psychiater en een psycholoog omtrent de verdachte uitgebrachte rapporten.