ECLI:NL:PHR:2020:1263
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkverklaring cassatieberoep wegens niet tijdig indienen middelen
De verdachte is door het Gerechtshof Amsterdam veroordeeld tot 54 maanden gevangenisstraf voor onder meer medeplegen van een drugsmisdrijf, medeplegen van witwassen en deelname aan een criminele organisatie. Tevens is een jerrycan onttrokken aan het verkeer. Tegen dit arrest is cassatieberoep ingesteld.
De aanzegging van het cassatieberoep is niet persoonlijk betekend binnen de wettelijke termijn. Vervolgens heeft de raadsman van de verdachte niet binnen zestig dagen na de aanzegging schriftelijk middelen van cassatie ingediend bij de Hoge Raad.
Op grond van artikel 437, tweede lid, Sv kan de Hoge Raad de verdachte daarom niet in zijn cassatieberoep ontvangen. De conclusie van de Procureur-Generaal bij de Hoge Raad strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het cassatieberoep van de verdachte.
Uitkomst: Het cassatieberoep van verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens niet tijdig indienen van middelen.