Conclusie
1.Feiten en procesverloop
2.Bespreking van het cassatiemiddel
tijdelijke noodmaatregel in afwachting van de beslissing over het verlenen van een zorgmachtiging. De omstandigheid dat rond de datum waarop de geldigheidsduur van de lopende machtiging verstrijkt wederom sprake is van een crisissituatie die op zich het afgeven van een crisismaatregel zou kunnen rechtvaardigen, doet volgens de klacht hieraan niet af.
dezelfdeinbewaringstelling te verlenen. Dit liet onverlet dat de burgemeester opnieuw een last tot inbewaringstelling kon geven indien de officier van justitie geen aansluitende voorlopige machtiging had verzocht (of dat verzoek was geweigerd) en betrokkene wederom in een crisissituatie verzeild was geraakt. Dan gaat het om een
andereinbewaringstelling en moet de gehele procedure van art. 20 e.v. Wet Bopz opnieuw worden doorlopen. Na een nieuwe last tot inbewaringstelling kon de rechtbank op verzoek van de officier van justitie opnieuw machtiging verlenen tot voortzetting van die (tweede) inbewaringstelling.
dezelfdecrisismaatregel niet mogelijk. Dit laat onverlet dat de burgemeester opnieuw een crisismaatregel kan nemen indien (een aansluitende zorgmachtiging niet was verzocht of is geweigerd en) betrokkene wederom in een crisissituatie geraakt. Dan gaat het om een
anderecrisismaatregel en moet de gehele procedure van art. 7:1 e.v. Wvggz opnieuw worden doorlopen.
nemo debet bis vexari, niemand behoort onnodig ten tweede male de kwelling van een proces te worden aangedaan.”
novum’voordoet. Hij bedoelt in dit verband met het woord ‘
novum’: “een essentieel gegeven waarvan men eerder geen weet had” of “een substantiële wijziging van de omstandigheden”. Dijkers voegde hieraan toe:
novum. Het onmiddellijk dreigende (levens-)gevaar voor de betrokkene zelf of voor anderen kan daartoe nopen. Te denken valt bijvoorbeeld aan de volgende situaties:
kaneen verzoekschrift bij de rechtbank indienen voor een zorgmachtiging die in de tijd aansluit op de machtiging tot voortzetting van de crisismaatregel (zie art. 7:11 Wvggz Pro). Uit het gebruik van het woordje “kan” volgt reeds dat dit voor de officier van justitie geen verplichting is.
ende aanvraag voldoende gemotiveerd is, dient de officier van justitie alsnog een verzoekschrift voor een zorgmachtiging bij de rechtbank in (art. 5:18 Wvggz Pro).
novum’zou zijn vereist, kon in deze zaak aan die eis worden voldaan. Uit het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 27 januari 2020 volgt dat de behandelend psychiater het volgende heeft geantwoord op de vraag van de rechter of een aansluitende zorgmachtiging was aangevraagd:
De rechterlijke toetsing bij de voortzetting biedt alleen de mogelijkheid om de rechtmatigheid van de voortzetting van de verplichte zorg te toetsen, maar niet de rechtmatigheid van de crisismaatregel.
in accordance with a procedure prescribed by law’ten behoeve van een ‘
lawful detention of a person of unsound mind’ in de zin van art. 5, lid 1 onder e en lid 4, EVRM. Na het voorgaande behoeft deze klacht geen afzonderlijke bespreking.