Conclusie
1.Inleiding
2.Bespreking van het cassatiemiddel
[... 1]/Dexia), [2] dat SpaarSelect zonder daartoe een vergunning te hebben, hem had geadviseerd de overeenkomst aan te gaan.
[... 1]/Dexiaweer (rov. 3.2) en oordeelt dat [eiser] dient te bewijzen dat Dexia onrechtmatig heeft gehandeld door met hem te contracteren door tussenkomst van SpaarSelect (rov. 4.1). Aan dat bewijs wordt echter niet toegekomen indien het verweer van Dexia slaagt, dat [eiser] geen schade heeft geleden omdat de overeenkomst is geëindigd met een positief saldo (rov. 4.2). Het hof geeft vervolgens de regels van HR 5 juni 2009 (
[... 2]/Dexia) [3] weer (rov. 4.3).
[... 1]/Dexiaen had het hof moeten oordelen [6] dat [eiser] recht heeft op vergoeding van de door hem betaalde rente, aflossing en eventuele kosten, ongeacht het feit dat de mogelijke financiële gevolgen van de overeenkomst geen onaanvaardbaar zware last voor [eiser] vormden. Omdat Dexia de rente en aflossing niet heeft vergoed terwijl [eiser] wel recht heeft op vergoeding daarvan, had het hof de
waiver-vordering van Dexia moeten afwijzen.
[... 1]/Dexiaheeft de Hoge Raad zijn rechtspraak over de schadeverdeling in effectenleasezaken als volgt samengevat:
[... 1]/Dexiaheeft [eiser] in beginsel recht op vergoeding van de door hem betaalde termijnen (aan rente en/of aflossing) ad € 9.189,45 en eventuele kosten, en doet niet ter zake dat de mogelijke financiële gevolgen van de leaseovereenkomst geen onaanvaardbaar zware last voor hem vormden.
[... 1]/Dexia. Er is nog geen oordeel gegeven over de vraag of het in rov. 4.1 bedoelde bewijs is geleverd op basis van de stellingen van [eiser] en de door hem overgelegde producties.