Conclusie
1.Het cassatieberoep
2.Het middel
onder een derdeeen voertuig
vancliënt [cursief door mij, TS] in beslag [werd] genomen”. In de tweede plaats wordt geklaagd dat de rechtbank ten onrechte heeft nagelaten de in art. 33a, lid 2 aanhef en onder a, Sr (kort gezegd: bekendheid bij de rechthebbende met het gebruik voor het strafbare feit) in haar beoordeling te betrekken.