“1. Het in de wettelijke vorm opgemaakte
proces-verbaal van aangifte(als bijlage op
pagina 38 e.v.van het proces-verbaal), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -
als verklaring van [aangeefster]:
Zij deed aangifte en verklaarde het volgende over het incident dat plaatsvond te [plaats] op zondag 2 oktober 2016.
Ik doe aangifte van verkrachting. Vandaag op 2 oktober 2016 omstreeks 01.45 uur kwam ik thuis. Ik ben gaan slapen en viel in een diepe slaap. Om 03.35 uur werd ik wakker van mijn telefoon. Ik keek en zag dat [verdachte] had gebeld. Ik heb hem direct teruggebeld. [verdachte] begon mij gelijk aan de telefoon uit te schelden voor kankerhoer. Hij vertelde mij dat hij boos was omdat ik niet open deed. Hij zei dat het lang duurde en dat ik een andere man in huis had. Ik vertelde hem dat hij normaal moest doen. Ik heb vervolgens de deur open gedaan. [verdachte] begon mij gelijk weer uit te schelden en vertelde mij dat ik een kankerhoer was. Hij liep naar binnen en duwde mij met zijn hele lichaam redelijk hard in de keuken tegen het keukenblad aan. Daarna heeft hij een onzedelijke handeling bij mij gedaan.
Vervolgens zag ik dat [verdachte] de woning weer verliet. [verdachte] is even weggeweest en toen heb ik gelijk 112 gebeld. Kort daarna kwam [verdachte] weer terug. Ik was bang dat hij de deur eruit zou trappen dus heb ik de deur opnieuw opengedaan. Ik rende direct daarop de trap op en wilde naar boven gaan. Aan het begin van de trap pakte [verdachte] mij met een van zijn handen bij mijn gezicht. Hij pakte mij met zijn vinger in mijn mond. Hij probeerde mij tegen te houden. Dit ging met kracht en ik heb pijn in mijn mond en mijn lip is opgezwollen. Ook proefde ik bloed in mijn mond en zit er bloed aan mijn lip. Ik gilde hard en waarschijnlijk had [verdachte] mij daarom losgelaten. Ik ben naar boven gerend. Ik hoorde toen ik boven was nog dat hij ergens tegenaan trapte. Ook hoorde ik een harde klap. Later zag ik dat hij mijn pan met suddervlees door de kamer had gegooid.
2. Het in de wettelijke vorm opgemaakte
proces-verbaal van verhoor getuige(als bijlage op
pagina 43 e.v.van het proces-verbaal), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -
als verklaring van [betrokkene 1]:
Sinds een jaartje ongeveer komt er een man bij [aangeefster] over de vloer. Ik kan deze man als volgt omschrijven: blanke man, lang, grijs haar, grijs baardje.
Zaterdagnacht 2 oktober 2016 lag ik te slapen en werd ik wakker. Ik ging uit het raam kijken en zag dat de man bij [aangeefster] op de ramen klopte. Ik zag dat de deur niet geopend werd. Ongeveer een kwartier later kwam de man terug, ik zag dat hij weer aanklopte en dat [aangeefster] de deur opendeed. Ik hoorde kort hierna gegil van [aangeefster]. Hierna hoorde ik dat er iets zwaars gegooid werd in de woning. Kort hierna zag ik de man weglopen. Kort hierna kwam gelukkig de politie.
3. Het in de wettelijke vorm opgemaakte
proces-verbaal van verhoor aangeefster(als bijlage op
pagina 62 e.v.van het proces-verbaal), voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -
als verklaring van [aangeefster]:
Hij duwde mij tegen de keukenkastjes aan. Hij deed toen zijn vinger bij mij hard naar binnen. Dit deed zeer.
Ik droeg die avond als nachtkleding een geel lang T-shirt. Ik droeg verder niks onder dit shirt. Hij duwde mij plotseling tegen de keuken aan. Ik kwam met mijn onderrug en billen tegen het aanrechtblad aan. Hij ging toen bij mij naar binnen en trok hem gemeen terug. Hij stond op dat moment tegen mij aan. Hij ging met zijn hand onder mijn T-shirt en ging met zijn hand bij mij naar binnen. Hij ging met zijn vinger in mijn vagina. Hij trok hem er gelijk weer uit. Ik denk dat hij dit deed met een kromme vinger, anders kan het niet zo zeer doen. Toen hij dat deed zei hij tegen mij dat ik een kuthoer was en dat hij dacht dat er een ander was. Er kwam bloed van binnen uit mijn vagina. Ik merkte dit pas toen de politie er was. Dat het eigenlijk wel erg bloedde.
4. Het in de wettelijke vorm opgemaakte
proces-verbaal van verhoor getuige(PL0600- 2016486598-29) inclusief
bijlage geneeskundige verklaring zedendelict, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -
als verklaring van [betrokkene 2]:
Over het onderzoek van [aangeefster] in 2016 kan ik zeggen dat het een aangeslagen vrouw was die letsel had en een geloofwaardig verhaal vertelde. Zij had een klein wondje in haar mond. Zij had ook letsel bij haar vagina en bloed rond haar vagina. Het letsel bij de vagina betrof een slijmvliesbeschadiging. Een driehoekig scheurwondje. Wat bijzonder was van dit onderzoek dat we hebben onderzocht met een zogenaamde ‘eendebek’. Daarbij konden we zien dat er stukjes slijmvlies weg waren en ik had stukjes op de ‘eendebek’ en op mijn vinger. Het was duidelijk dat zij niet ongesteld was en dat waarschijnlijk het bloed in en om de vagina van deze slijmvlieswond kwam. Het letsel zat aan het voorhof van de vagina. Dat was vers letsel. Ik schat een paar uur oud. Anders is het weefsel weg of ingedroogd. De toestand van [aangeefster] ten tijde van het onderzoek was aangeslagen, verdrietig en geïntimideerd. Schaamtevol dat dit haar was overkomen. Ik heb op 2 oktober 2016 van 06.15 uur tot 08.30 uur het onderzoek uitgevoerd.
Geneeskundige verklaring - Zedendelict
past bij toedrachtDe door de onderzochte persoon aangegeven toedracht
kan goed passenbij het geconstateerde letsel.
5. Het in de wettelijke vorm opgemaakte
proces-verbaal van bevindingen van het meldkamergesprek(PL060Q-2016486598-31, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven:
Op zondag 2 oktober tussen 03.39 en 03.50 uur werd door een vrouw telefonisch contact opgenomen middels een 112-melding met de centrale meldkamer te Arnhem.
OV: Opmerking Verbalisant
C: Centralist Meldkamer
V: Vrouw
OV: Onbekende man zegt: hou op met dat geouwehoer. Gesprek is verder niet woordelijk meer te verstaan totdat onbekende vrouw zegt laat me door en ze begint te gillen.
C: Laat ze even doorrijden ik hoor ze gillen als een idioot.
OV: Onbekende vrouw blijft gillen.
V: Kom alsjeblieft heel snel.
OV: Onbekende vrouw blijft gillen.
V: Hij slaat alles kort en klein hier.
V: Schiet op.
OV: Vrouw huilt.
6. Het in de wettelijke vorm opgemaakte
proces-verbaal van getuigenverhoor van de rechter-commissaris, belast met de behandeling van strafzaken in de rechtbank Overijssel, d.d. 4 september 2018, voor zover inhoudende - zakelijk weergegeven -
als verklaring van [aangeefster]:
U vraagt mij of wij ook seks hadden in een situatie van boosheid zoals ik heb omschreven. Ja. Dat was niet wat er nu gebeurde. Normaal gesproken zou een volgende stap seks zijn maar niet als we zo boos zouden zijn als toen het geval was. Ik heb hem laten weten dat ik het niet prettig vond door hem weg te duwen.
U vraagt mij of ik gelogen heb in mijn aangiftes bij de politie. Nee, wat ik verklaard heb is wel gebeurd.
7. Het
proces-verbaal van de terechtzittingvan het hof Arnhem-Leeuwarden (zittingsplaats Arnhem) op 19 februari 2020, voor zover inhoudende – zakelijk weergegeven –
als verklaring van verdachte:
Ik had mijn hand bij haar naar binnen.”
22. Met betrekking tot het bewijs heeft het hof in zijn bestreden arrest het volgende overwogen:
“
Oordeel van het hof
Het hof is van oordeel dat het door verdachte gevoerde verweer strekkende tot vrijspraak van het onder 2 primair tenlastegelegde wordt weersproken door de gebezigde bewijsmiddelen, zoals deze later in de eventueel op te maken aanvulling op dit arrest zullen worden opgenomen. Het hof heeft geen reden om aan de juistheid en betrouwbaarheid van de inhoud van die bewijsmiddelen te twijfelen.
Het hof neemt de volgende overwegingen over van de rechtbank.
Ten aanzien van feit 2:
Aangeefster heeft verklaard dat zij op 2 oktober 2016 in haar woning in [plaats] was toen verdachte haar om 3.35 uur belde en haar begon uit te schelden voor kankerhoer. Hij vertelde dat hij boos was dat ze de deur niet voor hem opendeed. Zij heeft daarop de deur voor hem opengedaan. Verdachte begon aangeefster uit te schelden en zei dat ze een kankerhoer was. Daarna liep hij naar binnen en duwde hij aangeefster met zijn hele lichaam in de keuken tegen het keukenblad aan. Daarna verrichtte hij “een onzedelijke handeling” bij aangeefster. Verdachte ging hierna weg. Aangeefster belde 112 en kort daarna kwam verdachte terug. Hij heeft vervolgens aangeefster met een vinger in haar mond gepakt waardoor haar mond ging bloeden en haar lip opzwol. Toen zij hard gilde liet verdachte haar los. Aangeefster is naar boven gerend en hoorde nog dat verdachte ergens tegenaan trapte en zij hoorde een harde klap. Later zag ze dat verdachte haar pan met suddervlees door de kamer had gegooid.
Getuige [betrokkene 1], buurman van aangeefster, heeft verklaard dat hij op 2 oktober 2016 heeft gezien dat verdachte aanklopte bij aangeefster en zij de deur opendeed. Kort hierna hoorde hij aangeefster gillen. Daarna hoorde hij dat er iets zwaars gegooid werd in de woning. Verdachte zag hij daarna vertrekken, waarna de politie kwam. Aangeefster heeft met betrekking tot de onzedelijke handeling als volgt verklaard: Zij droeg een geel lang t-shirt met daaronder niks. Verdachte duwde haar plotseling met haar rug en billen tegen het aanrechtblad. Daarna ging hij hard met zijn vinger in haar vagina en trok zijn vinger meteen gemeen terug. Dat deed zeer. Toen de politie kwam merkte ze dat er bloed uit haar vagina kwam. Het bloedde erg.
Aangeefster is op 2 oktober 2016 tussen 6.15 uur en 8.30 uur onderzocht door een forensisch arts. Deze heeft geconstateerd dat aangeefster een wondje in haar mond had. Daarnaast had aangeefster bloed rond haar vagina. Bij de vagina had aangeefster letsel, te weten een slijmvliesbeschadiging in de vorm van een driehoekig scheurwondje. In de vagina ontbrak een stuk slijmvlies en bij het onderzoek kwamen er stukjes slijmvlies uit de vagina op het bij het onderzoek gebruikte speculum en op de vinger van de onderzoeker. Aangeefster was niet ongesteld en het bloed in en om de vagina kwam waarschijnlijk van de slijmvlieswond. De wond was vers, de onderzoeker schatte een paar uur oud. De bevindingen van de onderzoeker bevestigen de verklaring van aangeefster over de handeling van verdachte.
De vraag waar de rechtbank zich voor gesteld ziet is of dit seksueel contact vrijwillig was. Uit de woordelijke uitwerking van het 112-gesprek blijkt dat op 2 oktober 2016 tussen 3.39 uur en 3.50 uur een 112-melding van aangeefster binnenkwam. In het gesprek hoort de verbalisant dat de vrouw aan de andere kant begint te gillen. De centralist zegt tegen de politieagenten die ter plaatse gaan “laat ze even doorrijden, ik hoor ze gillen als een idioot.” De vrouw blijft maar gillen en huilen. Dit bevestigt de verklaring van aangeefster met betrekking tot de agressieve sfeer waarin een en ander plaatsvond. Bij de rechter-commissaris heeft aangeefster verklaard dat zij en verdachte wel eens seks hadden in een situatie van boosheid maar dat dat niet was wat er toen gebeurde. Zij vond het op dat moment niet prettig en duwde verdachte weg.
Uit bovenstaande bewijsmiddelen concludeert de rechtbank dat verdachte zich schuldig heeft gemaakt aan verkrachting van aangeefster. Verdachte heeft aangeefster tegen het aanrecht geduwd en onder dwang zijn vinger in haar vagina gestoken en op dusdanig ruwe wijze teruggetrokken dat hierdoor een verwonding bij aangeefster ontstond. Ook bij de rechter-commissaris heeft aangeefster bevestigd dat hij dit tegen haar zin deed.
Uit de verklaring van aangeefster, getuige [betrokkene 1] en de transcriptie van het 112-gesprek blijkt ook overigens dat verdachte uiterst agressief was en aangeefster doodsbang. De stelling van de verdediging dat aangeefster uit was op seks met verdachte en verdachtes seksuele handeling vrijwillig onderging acht de rechtbank dan ook volstrekt ongeloofwaardig. De rechtbank acht het primair ten laste gelegde feit bewezen.
In aanvulling hierop overweegt het hof het volgende. Naar het oordeel van het hof is verdachte in een boze gemoedstoestand de woning van aangeefster binnen gegaan, waarna hij kort na binnenkomst seks bij aangeefster heeft afgedwongen door haar tegen het keukenblad aan te duwen en zijn vinger onverhoeds bij aangeefster in haar vagina naar binnen te duwen. Aangeefster heeft weliswaar expliciet bij de rechter-commissaris verklaard dat normaal gesproken een volgende stap seks zou zijn, maar ook heeft zij benadrukt dat dit niet zou gebeuren als ze zo boos waren zoals toen het geval was. Bovendien heeft aangeefster verklaard dat ze verdachte heeft laten weten dat zij het niet prettig vond door hem weg te duwen.
Het hof is van oordeel dat verdachte - onder de omstandigheden zoals aan de orde ten tijde van het ten laste gelegde - aangeefster heeft gedwongen tot het ondergaan van het seksueel binnendringen van haar lichaam en dat van een vrijwillig seksueel contact geen sprake was.”