ECLI:NL:PHR:2021:905
Parket bij de Hoge Raad
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid cassatieberoep wegens niet-indienen middelen witwaszaak
Het gerechtshof Den Haag heeft verdachte veroordeeld voor meermalen gepleegd witwassen tot een taakstraf van 100 uren, subsidiair 50 dagen hechtenis, en heeft een in beslag genomen personenauto verbeurdverklaard.
Tegen dit arrest is cassatieberoep ingesteld. De verdachte is persoonlijk op 8 oktober 2020 in kennis gesteld van de aanzegging conform art. 435 Sv Pro. De advocaten van verdachte zijn tijdig geïnformeerd.
De wettelijke termijn van twee maanden voor het indienen van schriftuur houdende middelen van cassatie verstreek op 7 december 2020, zonder dat middelen zijn ingediend. Hierdoor kan verdachte niet in cassatie worden ontvangen op grond van art. 437, tweede lid, Sv.
De conclusie van de procureur-generaal strekt ertoe dat de Hoge Raad de niet-ontvankelijkheid van verdachte in het cassatieberoep zal uitspreken.
Uitkomst: Verdachte wordt niet-ontvankelijk verklaard in het cassatieberoep wegens het niet tijdig indienen van middelen.