Bij eindarrest van 12 oktober 2021 heeft het gerechtshof ’s-Hertogenbosch het bestreden vonnis bekrachtigd en het in hoger beroep meer of anders gevorderde afgewezen. De dragende overwegingen van dit arrest, voor zover in cassatie nog van belang, laten zich als volgt samenvatten:
Normaal gebruik woning met souterrain
a. Het gaat in dit geschil om de vraag of de vochtproblematiek in het souterrain het overeengekomen normale gebruik van de woning verhindert. Het hof zal daarom eerst onderzoeken of de woning voldeed aan hetgeen [de kopers] op grond van de koopovereenkomst mochten verwachten. (onder 9.8.1.)
b. Gelet op het feit dat te koop is aangeboden een vrijstaande woning met souterrain, houdt normaal gebruik in dat het souterrain ook als zodanig gebruikt kan worden. Volgens Van Dale heeft een huis met souterrain vertrekken die ten dele (d.w.z. voor minder dan de helft) beneden de begane grond zijn gelegen. Ook staat vast dat verkoper het souterrain in gebruik had als kantoorruimte/praktijkruimte. [de kopers] mochten derhalve verwachten het souterrain als kantoorruimte of anderszins als woonruimte te kunnen gebruiken. (onder 9.8.4)
Mededelingsplicht verkoper en onderzoeksplicht koper
c. De vraag is of de gestelde vochtproblemen het normale gebruik verhinderen. Daarbij dient eerst te worden beoordeeld of en zo ja, welke mededelingen daarover door of namens [de verkopers] voorafgaande aan de totstandkoming van de overeenkomst zijn gedaan. Het hof is van oordeel dat [de verkopers] hebben voldaan aan de op hen rustende mededelingsplicht en dat [de kopers] aan de op hen als kopers rustende onderzoeksplicht hebben voldaan. (onder 9.8.5 en 9.8.6)
De vochtproblematiek in het souterrain
d. Het hof zal, mede op grond van de overgelegde deskundigenrapporten (het rapport van [deskundige 1] en het rapport van TechnoConsult, beide overgelegd door [de kopers] , en het rapport van Bedi, overgelegd door [de verkopers] ), beoordelen of de gestelde vochtproblematiek het normaal gebruik van de woning, meer in het bijzonder het souterrain, verhindert. (onder 9.9.4)
De constructie van kelder
e. Het hof is van oordeel dat niet, althans onvoldoende, is weersproken dat de gekozen constructie van een massief gemetselde kelder in het zuiden van het land veelvuldig is/wordt toegepast. Het hof gaat er daarom met Bedi vanuit dat het een gebruikelijke constructie betreft. Dat deze constructie volgens TechnoConsult niet optimaal is, doet daar niet aan af. Dat beter voor een (massief) betonnen constructie had kunnen worden gekozen zoals [deskundige 1] stelt, doet er evenmin aan af dat het een gebruikelijke constructie betreft. (onder 9.9.5.4.)
Kimaansluiting
f. De door partijen geraadpleegde deskundigen zijn het er over eens dat de kimaansluiting het probleem is. Aldus staat de oorzaak van de vochtproblematiek vast: gebreken aan de kimafdichting van het souterrain, omdat deze niet waterdicht is. Zoals [de verkopers] terecht opmerken, stelt TechnoConsult dezelfde oplossing voor als Bedi in 2013, namelijk het aanbrengen van afdichtingsmortel in de kim dan wel deze te injecteren zodat deze waterdicht is. Dat sprake is van vochtproblemen in het souterrain staat daarmee eveneens vast. (onder 9.9.6)
Omvang van de vochtproblemen
g. De vraag is vervolgens of de vochtproblemen het normaal gebruik van de woning, meer in het bijzonder van het souterrain, verhinderen, zoals [de kopers] stellen, maar [de verkopers] gemotiveerd betwisten. (onder 9.9.7)
h. Dat de vochtproblemen het gebruik van de gehele woning verhinderen, stellen [de kopers] wel, maar deze stelling wordt niet ondersteund door de overgelegde rapporten. Om die reden gaat het hof als onvoldoende onderbouwd aan deze stelling van [de kopers] voorbij. Het gaat dus enkel om de vochtproblemen in het souterrain. (onder 9.9.7.1)
i. Het hof is op grond van het rapport van TechnoConsult van oordeel dat [de kopers] weliswaar hebben aangetoond dat er sprake is van vochtproblemen in het souterrain, maar dat gelet op de gemotiveerde en niet, althans onvoldoende, weersproken betwisting door Bedi, niet is komen vast te staan dat de aard van de vochtproblematiek dusdanig ernstig is dat het normaal gebruik van de ruimtes van het souterrain daardoor wordt verhinderd. (onder 9.9.7.7)
j. Op grond van dit alles zijn de vorderingen van [de kopers] ook in hoger beroep niet toewijsbaar. (9.9.7.8.)